— Waarom schreeuw je zo tegen mij?! — riep de man verontwaardigd. — Ik vlieg, ik zorg voor en voed jouw vrouw, en dan ga jij tegen mij staan schreeuwen?! Wat is dat nou weer! Ze schreeuwden een half uur tegen elkaar, tot de vogel schor werd en de man moe…

Waarom schreeuw je zo tegen mij?! roept de man verontwaardigd. Ik verzorg en voer je vrouw, en dan ga jij nog je stem tegen mij verheffen?! Wat is dit nou weer! Ze roepen en schelden op elkaar, een man en een vogel, wel een half uur lang, tot de kraai hees is en de man doodop…

De man is op weg naar huis, na een vroege dienst bij de brouwerij in Haarlem. Het weekend staat voor de deur, en alleen die gedachte geeft hem al energie. Maar er is meer: zaterdagavond heeft hij eindelijk zijn langverwachte ontmoeting met een vrouw die hij een maand geleden op een datingsite leerde kennen.

Ze schrijven elkaar al weken dagelijks: over werk, interesses, over wat hen bezighoudt in het leven. Precies zoals dat tegenwoordig vaak gaat. Nu is het moment daar: een date, eindelijk in het echt. Hij hoeft alleen nog maar even het knusse eetcafé op de hoek in de Jordaan te bellen voor een tafeltje, en uitzoeken welk overhemd het geschiktst is.

Verzonken in fijne gedachten, loopt hij haast gedachteloos door de woonwijk van zijn typische Amsterdamse flat, zijn kleine appartementje vier hoog. Nog vijftig meter. Nog een stap, en misschien zou zijn leven zomaar een andere wending krijgen, als…

Ach ja, altijd dat maar.

Vlak voor het portiek, uit een boom waar hij nooit echt op heeft gelet, klettert ineens een kraai naar beneden, pal voor zijn voeten. De vogel fladdert wild, kraait oorverdovend, en boven hem gonst het van een hele troep kraaien, allemaal opgewonden schreeuwend. Geschreeuw zoals je het alleen hoort als er echt iets ergs is gebeurd.

Natuurlijk, mompelt de man. Dat kan er ook nog wel bij.

De kraai probeert op te staan, maar zakt steeds weer door een poot. Hij ziet het gelijk: haar rechterpoot is duidelijk gebroken.

Wat moet ik nou met jou? mompelt hij hardop.

Voorbij lopen lukt gewoon niet. Hij doet zijn jas uit, wikkelt die behoedzaam om de vogel zodat ze zich niet losworstelt, tilt haar voorzichtig op en loopt naar de entree. Achter hem klinken nog altijd de nerveuze, haast wanhopige kreten van de groep kraaien.

Thuisgekomen legt hij de vogel met zachte hand neer en bekijkt de breuk. Prompt slaat de kraai haar snavel in zijn vinger.

Potverdorie, gromt hij, en terwijl hij haar spartelende kopje vasthoudt, bindt hij snel een theedoek rond haar snavel.

De dierenartsenpraktijken die hij belt, geven niet thuis vogels behandelen ze niet. Bekenden weten ook geen raad. Dan herinner hij zich: hij is monteur, is handig genoeg, dus misschien kan hij zelf wel wat proberen.

Om te beginnen legt hij de gewonde vogel in een lage kartonnen doos, bekleedt het met handdoeken, en zet het op de vensterbank in de zon. Hij besluit haar meteen een naam te geven: Klazien.

Een paar uur sleutelt hij aan een spalk: hij snijdt, schuurt en vouwt van ijsstokjes en plakband een kleine beugel voor haar poot. Voorzichtig frees hij er een gleufje in en zet het vast met tape. Als het klaar is, haalt hij de doek weer weg bij haar snavel.

Klazien probeert direct opnieuw te bijten.

Rustig, rustig, stelt hij haar gerust. Ik wil je alleen maar helpen. Maar zonder eten en drinken kom je er ook niet.

Online zoekt hij uit wat kraaien eigenlijk eten. Hij loopt naar de hengelsportzaak voor meelwormen en naar de drogist voor een pincet en een kunststof spuitje.

Thuis begint hij haar mond voorzichtig open te wrikken en voert haar voer, nog steeds tegenstribbelend. Water gaat met het spuitje. Klazien hoest, kraait woest en probeert wederom te pikken. Maar hij zet door.

Uiteindelijk zijn ze allebei kapot. Klazien, die eindelijk genoeg heeft en zich verslagen voelt, sluit haar ogen en dommelt weg. De man zucht, draait zich om en gaat slapen.

s Ochtends begint hetzelfde ritueel: voeren, grommen, kraaien, doorzetten van beide kanten. Tot hij ineens buiten op het raamkozijn een grote kraai ziet zitten een mannetje die alles aandachtig gadeslaat.

Zonder erbij na te denken, draait de man het raam open.

Jij bent zeker de echtgenoot van Klazien? Kom maar. Kijk zelf. Ik probeer haar alleen maar te helpen.

De grote kraai tuurt aandachtig met zijn kraaloog naar Klazien, klapwiekt als een inspecteur en stapt brutaal naar binnen.

Klazien piept zachtjes. De man kijkt de kraai aan, die zijn vleugels spreidt en luid begint te kraaien.

Hé, rustig aan! moppert de man. Ik verzorg en voed jouw vrouw, en jij gaat mij zitten uitschelden? Is het nou helemaal!

Zo schelden en roepen ze een half uur lang tegen elkaar mens tegen vogel tot de kraai schor is en de man bezweet.

Dan schuift de man zonder ophef twee bakjes naar hem toe: met meelwormen en met wormen, geen woorden meer nodig.

De kraai inspecteert het voedsel uitvoerig alsof het sterreneten is, en begint dan te eten.

Kijk nou, grijnst de man. Lekker smullen natuurlijk, speciaal gehaald voor jou blijkbaar.

Volgegeten draait de kraai zich om, schuift tegen Klazien aan en begint liefdevol haar veren te poetsen.

Ongelooflijk, zegt de man zacht geroerd. Echte familiezorg. Maak je geen zorgen, ik zal haar erbovenop helpen. Maar kun je haar vragen niet steeds te bijten en normaal te eten?

s Nachts vliegt de kraai weg, maar keert de volgende ochtend weer terug. Hij tikt tegen het raam, wacht tot hij naar binnen mag, bekijkt Klazien en ontbijt rustig mee.

Goedemorgen, lacht de man. Volgens mij begrijpen we elkaar steeds beter

Terwijl hij Klazien voert en geduldig toespreekt dat bijten nergens toe leidt, kijkt de kraai toe, roerloos.

Opeens schiet de gedachte bij de man binnen als een donderslag.

Jeetje fluistert hij, met zijn hand door zijn haar. Ze wacht! Ik heb niet gebeld, geen tafel gereserveerd

Hij grijpt zijn telefoon, draait het nummer.

Sorry, het spijt me echt begint hij, en vertelt eerlijk het hele verhaal, waarom hij het restaurant niet heeft gereserveerd.

Dus een wilde kraai is belangrijker dan een etentje met mij? valt de vrouw hem boos in de rede.

Nee, zo zit het niet Je snapt het niet. Het is nu gewoon even zoals het is…

Nou, dan zoek je het maar lekker uit met je kraai! klinkt het bits, en met een klik is het gesprek voorbij.

Nou, dat was het dan, zegt hij tegen de kraai. Date voorbij voordat het ooit begon.

Op dat moment springt de grote kraai monter op tafel voor hem, spreidt zijn vleugels en paradeert heen en weer alsof hij hem moed inspreekt.

De man schiet in de lach:

Geen idee of je ook maar iets snapt van wat ik zeg, maar ik voel me wel gesteund. Vind jij dat ik niet moet opgeven? Dat ik er gewoon het beste van moet maken?

Dan wordt er aangebeld. Op de drempel staat zijn buurvrouw van boven, een vriendelijke vrouw altijd een glimlach in de lift.

Sorry dat ik zomaar stoor, zegt ze een beetje verlegen, maar er zitten al dagen kraaien rond je ramen. Alles oké? Is er iets gebeurd?

Moeilijk uit te leggen, zegt hij, kom maar binnen.

Ze stapt binnen en stuit op het tafereel.

Nou zeg… Ben je een kraai aan het redden?

Klazien, preciseert hij.

Dan wordt hij vast Karel, lacht de buurvrouw.

Haar lach klinkt als kleine belletjes, hij merkt ineens dat hij jaren niet zoiets fijns heeft gehoord. Hij kijkt naar haar en beseft: ach, dat gemiste afspraakje laat maar.

Karel spreidt nogmaals zijn vleugels en paradeert wederom trots over de tafel. De buurvrouw giechelt weer.

Vanaf dat moment wordt alles makkelijker. Karel krijgt een zwak voor de bezoekster: telkens als ze komt, maakt hij zich mooi en drukt zich tegen haar aan. Ze moet lachen en wordt er bijna verlegen van.

Klazien merkt langzaam dat ze geen gevaar loopt, raakt minder schuw en begint zelf te eten. Het herstel gaat sneller. De man geeft zelfs een sleutel, zodat de buurvrouw binnenkomt om als hij werkt, voor de vogels te zorgen.

Zijn waardering voor haar groeit. Hij denkt erover haar eindelijk uit te vragen, als er weer wat gebeurt.

Op een late avond, na zijn laatste dienst, loopt hij naar huis. Het is een bijzondere dag in de pauze heeft hij voor zijn buurvrouw een klein cadeautje gekocht: een zilveren kettinkje met een rood hartje.

Glimlachend bedenkt hij hoe hij het haar zal geven. Maar onder de lantaarnpaal duiken ineens twee mannen op.

Portemonnee, mobiel, horloge! sist de een, met een mes in zijn hand.
Jas ook, zegt de tweede.

Het gaat te snel om bang te worden.

Van boven stort ineens een donkere wolk naar beneden. Geschreeuw klinkt angstig, pijnlijk, in paniek. Tientallen kraaien storten zich met pikken en klauwen op de overvallers.

Hij holt naar huis, en s ochtends

Staat de buurvrouw zenuwachtig voor zijn deur.

Oh hemel! roept ze, als ze hem ziet, en drukt hem tegen zich aan. Je leeft! Ik dacht dat ze jou hadden…

Wat is er gebeurd? vraagt hij, terwijl hij door haar haar streelt.

Vannacht hebben kraaien twee mannen aangevallen. Ze zijn bijna dood gepikt. Liggen in het ziekenhuis, zwaar toegetakeld.

Hij glimlacht en realiseert zich ineens:

Ik heb nog iets voor je.

Ah joh, dat hoeft toch niet, bloost ze.

Maar als hij de zilveren ketting met hartje laat zien, kust ze hem op zijn wang.

Oh, wat lief. Dank je wel, zegt ze, terwijl ze haar hand uitsteekt, maar…

Ach, alweer een maar!

Karel flitst als een schaduw door de kamer, grijpt met zijn snavel de ketting en legt hem voorzichtig neer bij Klazien. Die neemt de ketting in haar snavel en verstopt hem in haar doos.

De man en de buurvrouw barsten in lachen uit.

Ik koop wel een nieuwe, belooft hij.

Karel spreidt trots zijn vleugels, zet zijn borst vooruit en kraait triomfantelijk: Kraaa! Klazien pakt voorzichtig het kettinkje en stopt het veilig weg.

En de man en de vrouw zoenen elkaar op de stoep.

Wat doet het ertoe?

Sommige dingen zijn en blijven gewoon familiair…

Please rate
Bagattia News
— Waarom schreeuw je zo tegen mij?! — riep de man verontwaardigd. — Ik vlieg, ik zorg voor en voed jouw vrouw, en dan ga jij tegen mij staan schreeuwen?! Wat is dat nou weer! Ze schreeuwden een half uur tegen elkaar, tot de vogel schor werd en de man moe…