Kleine
Hij noemde haar meteen al Kleine toen hij zich naast haar in de zachte, rode pluche stoelen van de Stadsschouwburg liet vallen. Die stoelen waren van dat soort waar zeker al duizenden mensen op hadden gezeten, een tikje smoezelig, net als onder Marieke.
Hij zat een minuutje zwijgend om zich heen te kijken, de zaal af te tasten, tot zijn blik op Marieke viel.
Wat is er, Kleine, verveel je je? zuchtte hij. Hij probeerde zijn ene been over het andere te slaan, maar het gangpad tussen de rijen was te smal. Zijn nette leren schoen van Van Bommel stootte tegen de stoel voor hen, zijn enkel klapte onhandig om. Michiel trok een grimas.
Marieke deed alsof ze hem niet zag. Haar blik was strak op het podium gericht, maar daar gebeurde eigenlijk niks boeiends. Opgeschoven tafeltjes, een katheder, mensen die sjouwden met kabels en mics typisch die sfeer bij van die grote congressen. En het was er warm, veel te warm.
Marieke voelde zich altijd ongemakkelijk in volle zalen. Steeds dat gevoel dat je geen kant op kunt, elleboog aan elleboog met vreemden.
Mwah… bromde Michiel, hij schraapte zijn kin. Echt niks nieuws hoor, Kleine. Ik ken de hele inhoud van de sprekers wel uit mijn hoofd. Hoort bij mn werk, snap je. Geloof me: op papier klinkt het spannender dan het is.
Marieke draaide zich om en keek hem streng aan.
Zijn pak zat keurig, hij droeg zelfs een das. Schoenen netjes gepoetst. Maar toch, er zat iets in hem wat niet klopte alsof je een relschopper in een gemeenteraadslid-outfit had gehesen. Grappenmaker, flapuit, kwajongen dat straalde hij helemaal uit. En zijn haar stond stug overeind, twee gekke kruinen waar zijn haar in zachte krullen draaide.
Michiel, stelde hij zichzelf alvast voor, nog voordat Marieke haar mond open kon doen. Zeg, heb je niet zin in lunch? Je bent zo klein, zo tenger, ik krijg bijna medelijden. Kom op, Kleine, even lekker eten, ja? We duiken hier gewoon stiekem tussenuit!
Net werd de zaal verduisterd en verschenen de directeur, managers, en andere hotemetoten op het podium. Iedereen applaudisseerde, terwijl Michiel zich totaal niet generen liet en Marieke half meetrok tussen de mensen door. Hij trapte per ongeluk op andermans tenen, lachte schaapachtig en propte ondertussen zijn das onhandig terug in zijn colbert. Alsof die das die hele zaal een lange neus wilde trekken.
Waar bent u mee bezig, laat me los! siste Marieke terwijl ze haar arm probeerde los te peuteren, maar Michiel hield stevig vast en loodste haar richting uitgang.
Ze stonden net in de foyer toen iemand op het podium de microfoon op de stand tikte stilte alstublieft.
Laat me los! Ik moet terug, alles samenvatten voor mn verslag, ik heb die opdracht niet voor niks! Marieke trok verontwaardigd haar arm terug, drukte haar notitieboek tegen haar borst, verloor haar pen en boog om die op te rapen. Michiel was haar weer voor.
Schrijfwerk, Kleine, laat toch zitten! Ik stuur je alles wat je nodig hebt, lees het thuis wel. Nu eerst wat eten. En water. Je ziet spierwit. Even voelen ja hoor, pols veel te hoog, zei hij terwijl hij haar pols checkte en zijn tong klakkend tegen zijn gehemelte sloeg. Zuurstof, eten, géén saaie congressen!
Ze voelde zich inderdaad verre van goed; haar hart bonsde in haar keel.
Nooit eerder had iemand zich zo om haar bekommerd. Zij zorgde altijd voor iedereen haar moeder, man, dochter. Het leek zo normaal. Zwaar, dat wel, maar wie had daar tijd om eens lekker onverantwoord te doen, te lachen en gek te doen zoals in Franse films? Die kans was haar niet gegund.
Totdat Michiel haar die kans wél gaf.
Voordat ze het wist, zat Marieke tegenover hem aan een knus tafeltje in een eetcafé aan de overkant. De ober bracht verse jus, bijna fluorescerend geel-oranje, alsof ze het zonlicht zelf uit een glas dronk.
Hier, drinken. En water ernaast. Zo En wat gaan we eten? vroeg Michiel, terwijl hij van de kaart een lijstje opnoemde.
Hij vond haar blijkbaar echt leuk. Marieke had een zacht gezicht en een slanke figuur. Op zich had ze best populair kunnen zijn bij mannen, als die eeuwige vermoeidheid niet steeds op haar gelaat lag. Veertig plus, gezin, geen liefde meer, alles uitgekauwd Tja, wie gaat er dan bloeien als een bloesem in mei?
Maar Michiel zag toch iets in haar, juist zo als ze was: een vermoeide Kleine, uitgeblust door het leven.
Ik hoef niks. Ik wil zo weer terug Het gaat al beter, echt! probeerde Marieke.
Prima, grijnsde Michiel. Maar eerst zeebaars met groenten, salade En wat wil je drinken, Kleine?
Hij keek op van de kaart, een tikje slungelig, maar toch aantrekkelijk met die ondeugende flair en rook naar frisse aftershave en sigaretten. Hij knikte haar bemoedigend toe.
Marieke bloosde, fronste haar wenkbrauwen.
Ben ik nou gek? dacht ze. Een wildvreemde man sleept haar zomaar een restaurant in, voert haar, noemt haar Kleine, legt zelfs een lok achter haar oor wat een brutaliteit! Maar ze smolt, voelde zich steeds minder zichzelf. Alles tintelde, en waar hij haar net had aangeraakt, leek haar huid wel in brand te staan.
Ze dronken witte wijn terwijl Michiel vertelde over zijn jongere jaren, de bouw, een tijdje in Groningen gewerkt, altijd onderweg, en daarna…
En toen, Kleine, ben ik samen met Bart, mijn beste vriend, mijn eigen bouwbedrijfje begonnen. Niets groots hoor, gewoon schuren en huisjes bouwen, teams vormen, en ineens zat je erin voor je het wist. Iedereen wil lekker wonen, met een fatsoenlijk toilet en verwarming. Wij wisten hoe dat moest. Maar eet je nou wel?! riep hij, steeds wijzend op haar bord. Kom, op jou, Kleine! God, toen ik je zag dacht ik meteen: Die Kleine moet ik even flink verwennen. Nog iets bestellen?
Ze schudde haar hoofd. Ze voelde zich week worden. Niet alleen van de wijn en het eten, maar ook omdat er eindelijk iemand was die haar zag als Kleine, als iemand om voor te zorgen.
Thuis was het anders. Marieke was opgegroeid met haar moeder. Die werkte altijd, was s ochtends al de deur uit, Marieke ontbeet alleen, s avonds wachtte ze wakker tot haar moeder thuiskwam, warmde de maaltijd op, deed de vaat terwijl haar moeder douchte. Daarna sliepen ze bijna tot diep in de nacht.
Met kerst kwam haar moeder, Marijke, pas tegen elf uur thuis. Werkte in de supermarkt: de laatste uurtjes leverden extra op.
Marijke kwam altijd gesloopt thuis. Marieke zocht dan een jurk voor haar uit, hielp haar met haar haren, en samen gingen ze naar het feestje.
Altijd visite: buren, vriendinnen, vage familie. De tafel vol, iedereen luidruchtig, Marieke hield haar moeder scherp in de gaten, bang dat ze na het eerste borrelglaasje al in zou dommelen.
Marijke dronk alleen jenever; champagne was onzin vond ze, maar jenever, dáár kon je op rekenen.
Maar haar lijf kon het niet meer aan; na één glaasje knapte ze af en lag ze snurkend aan tafel. Marieke porre haar wakker, haar moeder keek dan verbaasd in het rond en proostte nog een keer mee, lachend maar altijd wat wrang. Hoe kun je dan zelf nog je zwakte tonen, als je moeder alles op haar schouders torst?
Marieke trouwde jong. Paul was bijna tien jaar ouder, degelijk, met een goede baan, maar niet echt warm of spraakzaam; hij nam haar gewoon op in zijn leven als een soort handige schakel. En dat vond Marieke best, leek het. Een beetje spanning, passie, dat was iets van vroeger haar lichaam wilde dat wel, maar het vuur doofde snel.
Het huis was netjes, een appartement in Utrecht dat eigenlijk van Paul was. Grote keuken, ruime badkamer, balkon, genoeg boeken, en een man. Iedereen was jaloers! Niet bij de schoonmoeder wonen, dat was pure luxe.
En altijd was ze gewoon Mariek, of formeel mevrouw Visser.
Tot Michiel haar ineens Kleine noemde. Wijn, bitterballen, cadeautjes en iemand die echt vraagt wat Kleine wil, wat ze denkt.
Paul had daar geen tijd voor. Natuurlijk, hij overlegde met haar over geld, huishoudelijke dingen, vakanties, maar hij had meestal het laatste woord. Vaak vergat hij dat een raam open ook tocht betekent, maar hij wilde altijd frisse lucht
Maar Michiel regelde meteen een gezellig tafeltje zonder tocht.
Echt zorgzaam
Hij stelde vragen, Marieke antwoordde verlegen. Had ze een man? Ja. Een dochter ook? Ja, Nienke. Die studeerde aan de universiteit, sprak al vijf talen, zon fantastische leerling dat iedereen vol verwachting naar haar uitkeek.
Paul en zij hadden Nienke niet “gepland” het hoorde nu eenmaal. Maar zwanger worden duurde lang, dus toen het eindelijk lukte, was er geen sprankje emotie aan Pauls kant. Als ze er is, ga ik wel opvoeden, oké? zei hij. Moet je naar de dokter? Ik breng je wel even.
Dat deed hij, en ook toen ze uit het ziekenhuis kwam was alles volgens het boekje. Hij hield het gewicht van Nienke bij, controleerde het eten, regelde de beste spullen, liep s nachts met haar rond als ze huilde. Toen de kraamzorg langskwam, keek Paul kritisch toe of alles wel hygiënisch was.
Ben je moe? vroeg haar vriendin Anouk altijd. Ja, een kind is geen roos, het is doorbijten! Helpt Paul eigenlijk?
Jawel, denk ik, haalde Marieke haar schouders op. Maar het voelde altijd een beetje… weinig.
Eigenlijk was het zelfs een beetje prettig, altijd de underdog zijn anderen voelen medelijden, en Paul kreeg vaak kritiek van haar vriendinnen, die vonden dat hij haar niet genoeg waardeerde.
Maar Michiel behandelde haar als een schatje, wilde haar verwennen, Marieke graafde van schaamte in haar broodje.
Kom op, Kleine! maande Michiel. Eten. Of je gaat hier niet weg!
Ze at.
Hij bracht haar die dag tot aan de fiets en wilde verder mee, maar Marieke kapte het af.
s Avonds ontving ze zijn samenvatting van de congresstukken in haar mailbox.
Voor Kleine, van Michiel! stond erbij.
Marieke klapte haar laptop dicht, maar Nienke zag het, grinnikte.
Wat een kleffe bijnamen! riep Marieke verbaasd. Serieus, het gaat hier om officiële documenten!
Nienke hoorde haar al niet meer, had haar koptelefoon op en verdween in haar muziek.
Mariek, Nien, ik ben thuis! Tijd voor eten! klonk het vanuit de hal.
Paul kwam uitgeput binnen na een overvolle tram en benauwde bus. Hij trok onderweg al zijn overhemd uit, bleef in boxershorts lopen, deed het balkon open frisse lucht!
Hij rook naar zweet, oud en doordringend.
Ik ga echt niet elke dag douchen, oké? Laat me nou eens! Daarna jeuk ik overal van jullie douchegel. Morgen weer! riep hij, onverschillig voor haar gezeur. Kom, laten we eten.
Ze aten zwijgend. Marieke dacht aan Michiel, zijn frisheid, zijn galantheid
Hij belde haar de volgende dag op haar werk.
Hoi, Kleine! Hoe voel je je? Heb je al geluncht? zijn stem klonk belachelijk hard in haar oren; Marieke drukte haar telefoon snel wat dichter tegen zich aan. Kippenvel.
Nee Nog geen tijd gehad. Veel te druk, fluisterde ze. Kleine. Zij was Kleine, zwak en teer Wat voelde dat heerlijk.
Laat dat werk even zitten en kom naar beneden. Zit in jullie stamcafé niet galant, maar goed genoeg om te eten. Kom op!
Ze mompelde iets, vroeg zich af wat ze haar collegas moest zeggen, stapte in de lift en voelde haar wangen gloeien. Iedereen moest het wel zien: Marieke Visser ging op date.
Zo voelde het echt ze noemde hem zelfs stiekem minnaar. Spannend en roekeloos.
Die dag was Michiel in een T-shirt en spijkerbroek, weer een tikje ongekamd.
Ze dronken koffie, Marieke vertelde zelfs wat over vroeger, Michiel luisterde.
Kleine, je bent mooi, weet je dat? zei hij zomaar ineens. Zullen we samen iets voor je uitzoeken? Een jurk. Ik ken nog iemand bij zon boetiek, die weet precies wat je staat! Kom, we gaan zo.
En dat gebeurde. Niet direct, maar s avonds nam Michiel haar mee naar De Passage op het Rokin, zat op een bankje terwijl de verkoopsters om Kleine heen dwarrelden.
Wat keek hij haar aan! Gulzig, hongerig. Paul kon daar niet tegenop.
Ik heb het nog nooit meegemaakt! Zon blik, echt alleen in films zie je dat, fluisterde Marieke later tegen Anouk, haar beste vriendin. Ik voelde me als een vrouw, snap je? Verschrikkelijk, maar het was hemels.
En Paul? vroeg Anouk nuchter, nadat ze alle geroddel had aangehoord.
Die weet van niks. En dat moet zo blijven. Jij houdt je mond, ja? Zet die jurk voorlopig bij jou thuis neer, alsjeblieft. Het is veel te duur! O, help Wat gaat er nu gebeuren?
Anouk haalde haar schouders op. We zien t wel.
Weet je, Mariek Paul is misschien wat lomp, maar weet je nog hoe hij vorig jaar midden in de sneeuw naar je familie is gereden om verse melk op te halen? Hij werkt zich te pletter. Hij zit niet lui op de bank bier te drinken, nee, hij is hoofd van een afdeling. Wilde je een auto? Kwam er. Huis verbouwen? Poef, geregeld. Naar Texel iedere zomer! Paul is een open boek. En Michiel? Waar haalt die zijn geld vandaan?
Weet ik niet. Maakt dat uit? Paul is Paul is gewoon… je snapt het niet. Jij bent gewoon jaloers!
Misschien wel, dacht Anouk. Maar meer op Paul dan op Michiel.
Marieke kwam steeds later thuis, kookte snel wat makkelijks en zat dan peinzend thee te roeren die allang was afgekoeld.
Mam! Ik roep nu al vijf keer of je brood wilt snijden! Het is op hè, riep Nienke.
Marieke knikte afwezig, stond op en vertrok naar haar kamer. Dromen.
Paul en Nienke bekeken haar vragend.
Marieke mijmerde. Haar handen waren klam van zenuwen.
Michiel was lief, wist hoe hij moest zoenen, lachte haar onzekerheid weg, stopte haar vol met delicatessen, cadeautjes die ergens bij Anouk moesten worden verstopt, overboekingen op haar rekening, s nachts appjes. Marieke verstopte zich dan in de badkamer, las, verwijderde, wachtte, weer las ze. Daarna zette ze haar mobiel uit en waste haar gezicht koud.
Paul draaide zich om, sloeg zijn zware arm over haar heen en bromde iets onverstaanbaars. Marieke gaf een geluidje, verstijfde. Zonde, dacht ze, dat Paul er nog is Zonde, dat ze zolang niet wist hoe het was om Kleine te zijn. Al die jaren verspild
Maar nu was er Michiel. Hij was haar geluk.
Ze spraken af in zijn appartement aan de gracht, groot en licht, ramen tot aan de vloer, zonder gordijnen, met uitzicht op de stad vol lichtjes. De champagne, zijn geur, het gladde katoen van het bed alles duizelde.
Het leven knalde in vuurwerk boven haar hoofd, dwarrelde als diamantjes neer op de lakens.
Thuis werd het onaangenaam. Ze had het gevoel dat iedereen het wist: Nienke loerde, Paul keek streng.
Marieke verzon smoesjes, kwam pas thuis als ze zeker wist dat iedereen sliep. Dan kon ze uren op de keukentafel zitten, oploskoffie drinken en dromen.
Mariek! Waar hang je uit? Ik heb witte kool gekocht. Tijd om te snijden, dat hadden we afgesproken, kwam Pauls stem via haar mobiel terwijl ze aan het zwembad zat, Michiel zwemmend bij de rand. De kou sloeg om haar heen, want het buitenbad was open, een staaltje Nederlandse waterbouwkunst.
Nooit gezwommen in het Flevoparkbad, maar vandaag had Michiel haar erheen gebracht. Ze zwommen tussen de stoom, het water dampte op in de koude lucht, geen mens te bekennen, rust. Je kon helemaal tot aan het IJburgse skatepark kijken. Maar zij lette alleen op haar cavaler.
Eindelijk liefde, dacht ze.
Kool? stamelde ze, wikkelde zich in haar handdoek. Laat maar even. Ik ben laat vandaag. Ben met Anouk gaan zwemmen, goed voor mn rug. Morgen snijden we samen. Tot straks!
Ze beëindigde snel het gesprek. Moest Anouk nog even waarschuwen voor het geval Paul haar ging bellen.
Toen pakte ze haar mobiel en fluisterde het zwembadverhaal razendsnel door, haar stem trilde nog na.
Mariek, ik heb jullie wat karwijzaad gebracht. Doen jullie toch altijd door de kool? klonk het droog aan de andere kant. Paul heeft al thee gezet. Ik leg het hier neer, tot zo.
Marieke beet op haar lip en zocht Michiel. Die stond al klaar om te duiken, zijn spieren gespannen, jongere meiden giechelden in het water.
Zo, kleintjes, daar gaan we! Eén, twee, drie! riep Michiel en dook perfect het water in. Hij stak zijn hand naar Marieke op: Kom je ook, Kleine? Het feest is net begonnen!
Meisjes draaiden zich om, bekeken Kleine. Ze voelde zich weer gewoontjes, met een plooiend buikje en vlezige bovenbenen. Zwom wat onhandig schoolslag, haar gezicht alweer vol zorgen.
Michiel was inmiddels omringd door nieuw, jong gezelschap, die hem plagerig probeerde te tikken tijdens het waterpolo. Hij lachte, leek niet eens boos toen Marieke opeens verdwenen was. Familie, kool het hoort erbij.
Thuis was het donker op de gang, alleen in de keuken brandde licht.
Paul zette zwijgend een pan met roerei voor haar neer.
Je hebt vast trek na het zwemmen. Eet. Wil je wat worst erbij? Hij schonk haar een mok thee in.
Marieke schudde haar hoofd, durfde Paul amper aan te kijken. Snel prikte ze wat in het roerei.
Weet hij het? En wat nu? Waarom zo rustig?
Mar zei Paul na lang zwijgen. Anouk bracht net wat spullen. Ze stond bijna te koken, heb haar weggestuurd. Jouw keuken, niet haar taak. Maar die tassen ze zei dat die van jou waren. Toch?
Marieke tilde de tafellaken een stukje op, keek naar de tassen, haalde haar schouders op.
Zie je wel, onzin, zei Paul. Schenk mij ook maar wat thee in. Of nee, doe toch maar cognac. Zin in.
Marieke sprong op, pakte de fles, toen verstijfde ze even.
Kleine, hoorde ze haar man zeggen. Ze draaide zich abrupt om, keek hem aan.
Ik bedoel, Kleine, op tafel. De kruimels van het brood. Tafel even afnemen, ja? Nienke kruimelt altijd zo. Pak even een doekje, eindigde hij rustig, keek haar zwaar aan van onder zijn wenkbrauwen.
Ze dronken samen cognac. Zwijgend.
Even later stond Paul op en vertrok.
Anouk, hij is echt weg! Hij heeft zijn jas aan, sleutel laten liggen. Hoe kan hij zo zijn? snikte Marieke door de telefoon, keek naar haar eigen betraande gezicht in de spiegel. Nog niet zo lang geleden was ze nog dansend in het zwembad met Michiel Haar haar rook nog naar chloor, haar rug was stijf.
Dat doet een echte kerel, Mariek. Een ander had door het lint gegaan. Paul vertrekt gewoon. Uit zijn eigen huis. En jij hebt nog lef te klagen! Snappen deed ik het nooit helemaal jullie hadden geld zat, Nienke is fantastisch, Paul is niet agressief, niet lui, alles op orde. Een beetje stil, ja, maar beter dat dan zo’n brallende vent. Jij zocht gewoon spanning en aandacht. Maar ik steun je nu niet, sorry. Slaap lekker.
Marieke legde haar mobiel weg, kromp in elkaar, snikte zachtjes.
Nienke had haar tentamens gehaald, zat bij vrienden op een vakantiepark. Met haar moeder sprak ze niet.
Michiel dook een week later op, wachtte op Marieke bij de flat, dook uit het donker op.
Hey Kleine!, siste hij met een rood, koud gezicht in zijn leren jas. Heb je me gemist?
Marieke had hem vaker geprobeerd te bereiken, maar hij had niet teruggebeld, en nu stond hij daar ineens.
Michiel Wat doe je hier?
Ik kom je halen. Tijd om iets terug te doen, Kleine! trok hij haar tegen zich aan.
Wat bedoel je?
Ze probeerde zich los te trekken, maar zijn greep was sterk.
Heb ik je eten gegeven? Check. Je plezier bezorgd? Ja toch! Nou, nu heb ik hulp nodig, poes. Ik zit in de problemen, en jij hebt dat appartement van je moeder. Als we dat verkopen vangen we zo een half miljoen euro. En die van nu ook verkopen. Kom, laat maar binnen, moeten overleggen!
Ze schrok, spartelde. Hij sleurde haar richting portiek, de lege straat over.
Kom nou, Kleine, ik heb het ijskoud, duwde Michiel haar dichter naar de deur.
Marieke barstte in huilen uit, zakte bijna door haar benen, en toen ineens liet Michiel haar los. Hij hapte even naar adem, viel opzij.
Paul stond boven hem, zonder jas, met woeste blik. Hij balde zijn vuisten.
Oprotten. Wegwezen, hoor je me? Of ik sla je in elkaar! bulderde hij, en haalde even uit naar Michiel. Maar Marieke hield Paul tegen, trok aan zijn arm.
Michiel grijnsde vals, maar hield zijn mond toen Paul hem een klap verkocht.
Opzouten! Laat Mariek met rust, begrepen? schreeuwde Paul, pakte zijn wollen muts van de stoep, veegde zijn neus en keek naar Marieke: Kom mee naar boven. Het is koud.
Waarover die twee die nacht hebben gepraat weet alleen de maan, en de wind naar binnen bij het open raam. Twee koppen lauwe thee op tafel, de klok wegtikkend. Daarna was het stil, alleen zij tweeën: man en vrouw, die besloten toch maar samen verder te gaan.
Nooit noemde iemand Marieke nog Kleine. Mocht het alsnog gebeuren, dan zou ze enkel schrikken en zich omdraaien.
Michiel liet zich nooit meer zien. Zoveel karakter had haar man nou ook weer wel Michiel misgunde zichzelf zn kansen niet, zocht alweer naar een nieuwe Kleine ze zijn er genoeg, vrouwen die verlangen naar wat aandacht. Dat wist hij, en zijn honger bleef.
Hij vertrok uit het chique appartement, die met de satijnen lakens en dat uitzicht over de stad. Maar ach, die holen vind je toch weer Als Bart zn vriend maar even zijn geld terug krijgt.
En Marieke? Ze bleef zitten met haar dagdromen, haar kapotgewaaide dromen over het Kleine zijn Maar nu wist ze in elk geval wat het was, en dat is ook wat waard.







