Afgunst op het Randje

Ja, precies dit heb ik nodig! Hij zal nooit doorhebben dat ik niet echt zijn verloofde ben…

Anne stond voor de grote spiegel in haar slaapkamer, haar blik onderzoekend gericht op haar reflectie. Langzaam haalde ze een verdwaalde lok uit haar gezicht en streek hem achter haar oor. Haar hart klopte net wat sneller wat ze zag, overtrof echt al haar verwachtingen! De make-up, het kapsel, de blik alles was tot in de kleinste details nagebootst. Even hield ze haar adem in. Met de favoriete jurk van haar zusje erbij, zou zelfs hun eigen moeder direct geen onderscheid meer kunnen maken.

De gedachte bracht een glimlach op haar gezicht, maar ze wierp snel een blik op de klok op de boekenplank. Nog twintig minuten, dan zou Sander voor de deur staan. De onrust gierde door haar lijf. Alles moest perfect: geen slordige bewegingen, geen verkeerde intonatie! Als Sander ook maar even argwaan zou krijgen, zou haar zorgvuldig bedachte plan in één klap mislukken. En dan zou haar zusje opnieuw als winnaar uit de bus komen zoals zó vaak al eerder was gebeurd.

Ze haalde diep adem, probeerde de lichte trilling in haar vingers te bedwingen, en liep naar de deur. Op het moment dat de bel ging stond Anne al klaar, haar gezicht zuiver gespeeld. Ze opende de deur en toverde een warme, bijna luchtige glimlach op haar gezicht, haar ogen zacht fonkelend van vriendelijkheid.

Hoi San! zei ze, haar stem een tikje zachter dan normaal, ieder woord zorgvuldig afgemeten.

Voordat hij iets kon zeggen, wiebelde ze even op haar tenen om hem een vluchtige zoen op zijn wang te geven. Alles precies zoals ze het had bedacht, geen overbodige gebaren, alles volgens het script.

Kom binnen, zin in koffie? vroeg ze, en maakte een uitnodigend gebaar richting de woonkamer. Haar stem klonk alsof het de gewoonste zaak van de wereld was, niet als een doortrapte toneelvoorstelling.

Sander fronste even, zo van: wat speelt hier eigenlijk? Maar zijn blik gleed al snel over in een lichte glimlach ineens leek hij precies te snappen wat er aan de hand was. Wat was haar zus nu weer van plan? Waarom deed ze zich zo druk voor als Maartje? Hij besloot het spelletje mee te spelen, knikte, en liep achter Anne de flat in.

Ondertussen rommelde Anne wat onwennig in de keuken. Haar wangen deden inmiddels pijn van de constante, voor haar ongewone, zoete glimlach die maar niet van haar gezicht mocht verdwijnen. Ze zette kopjes, schoteltjes, lepeltjes neer en keek regelmatig even naar de fles rode wijn die bescheiden stond te wachten op de bovenste plank. Die fles wilde ze straks erbij halen precies het juiste moment moest nog komen.

Ze was zich ervan bewust: Sander dronk maar zelden. Alcohol viel bij hem meestal niet goed, behalve misschien één glaasje, op gezellige avonden en dat was precies wat Anne hoopte. Die ene ontspannen slok, even zijn alertheid verliezen, dan zou zij haar kans kunnen grijpen.

Terwijl ze met de koffie in de weer was, ging Sander alvast aan tafel zitten, zijn armen losjes gekruist. Hij volgde haar bewegingen met een mengeling van nieuwsgierigheid en lichte spot. Uiteindelijk hield hij het niet meer:

Anne… waarom doe je dit allemaal? vroeg hij rustig. En waar is Maartje eigenlijk? Als het een grap moet zijn, dan is ‘ie niet héél geslaagd.

Anne stond even aan de grond genageld. Onzeker zocht ze naar de juiste woorden. Een vleugje verwarring flitste door haar ogen, maar ze herpakte zichzelf snel. Ze zette haar masker weer op en antwoordde luchtig:

Hoe heb je het eigenlijk door? En nee, het is geen grapje. Meer een experiment. Maartje weet van niks.

Met een scheve blik draaide Sander zijn koffiekopje rond. Hij was nieuwsgierig, maar besloot zich niet te verraden, benieuwd waar Anne zelf mee zou komen.

Jullie zijn zo verschillend, ondanks dat jullie eeneiige tweelingen zijn, zei hij peinzend. Hoe kun je die ooit verwarren?

Voordat Anne kon antwoorden haalde hij zijn telefoon tevoorschijn, snel typend aan Maartje. Even lichtte zijn gezicht op het scherm op, daarna stopte hij zijn mobiel weer weg.

Dus… wat is dan het doel van dit experiment? herhaalde hij, terwijl hij zich naar achteren liet zakken in de stoel.

Anne wiebelde wat op haar stoel, haar blik verstopt in haar theekopje. Ze nam een kleine slok, alsof het haar moed schonk, en begon dan ineens vol enthousiasme te vertellen:

Mensen halen ons elke keer door elkaar. Jij zegt dat we zo ongelijk zijn, maar zelfs onze moeder kan het niet zien, zolang we dezelfde kleren aan hebben. Stel je voor: we trekken hetzelfde jurkje uit de kast, hetzelfde kapsel we lijken gewoon exact op elkaar.

Ze viel even stil, alsof ze vervelende herinneringen op moest halen, en ging toen verder:

Het is… soms echt vervelend. Vooral als het over iemand gaat waar je verliefd op bent. Er zijn al genoeg foute situaties geweest: mijn vriendje wilde me eens verrassen, maar liep naar Maartje toe omdat zij toevallig dichterbij stond. Of andersom: Maartje wilde even met jouw vriend praten, en hij dacht dat ík het was kwam hij met allemaal dingen waar zij niet op zat te wachten.

Maar… waarom verander je dan niet gewoon je haar? vroeg Sander, zijn hoofd schuin houdend. Hij herinnerde zich een eerdere discussie met Maartje: Anne wilde nooit iets aan haar uiterlijk veranderen. Het leek zelfs alsof ze het stiekem prettig vond, dat ze altijd verwisselbaar waren, en dat Maartje zich maar moest aanpassen.

Anne trok meteen een gek snoetje, alsof ze ergens van gruwelde.

Saai toch? schudde ze. We hebben elkaar beloofd niets te veranderen tot de studie klaar is. Dat is zon soort ongeschreven regel, snap je? Bovendien… haar mond krulde in een stoute grijns, het komt stiekem best goed uit. Meestal verwarren de docenten ons ook.

Ze barstte uit in een helder lachje, helemaal trots op hun handige trucjes bij lastige colleges of tentamens.

Mmmm, duidelijk… zei Sander langzaam, haar bedenkelijk aankijkend. Juist toen pingde zijn telefoon. Snel las hij het berichtje en knikte quasi-berustend. Maartje is bij ons stamcafé aan het wachten. Ze lijkt totaal niet te weten wat er hier speelt.

Hij keek Anne aan, in zijn blik een mengeling van medeleven.

Maak je geen zorgen, ik hou mijn mond wel. Ik snap dat je bezorgd bent om je zus. Ik heb geen zin om tussen jullie in te komen.

Anne leek zichtbaar te ontspannen en glimlachte dankbaar.

Dankjewel, San… je bent echt oké.

Tot snel, zei hij, terwijl hij opstond. Ik zal opschieten, voor Maartje zich druk begint te maken.

Toen de deur zacht dichtviel, bleef Anne alleen achter, overweldigd door stilte alsof de hele flat plotseling leeg en koud was. Ze plofte neer op de stoel, klemde haar handen om de rand van de tafel, vastbesloten zichzelf niet te laten huilen. Waarom lukt me dit nooit? Waarom laat hij zich niet gewoon door mij verleiden? Waarom valt zelfs mijn beste plan zo snel in duigen?

Haar gedachten sloegen op hol, terug naar dat allereerste moment dat Sander hun leven binnenkwam. Zijn open glimlach, zijn relaxte houding, zijn zelfverzekerdheid ze had direct een zwak voor hem. Elke keer werd ze nerveus bij zijn aanwezigheid, repeteerde ze in haar hoofd zinnen, scenarios, momenten waarin ze samen lachten… Maar telkens weer hield iets haar tegen de angst om afgewezen te worden, de onzekerheid, de vrees hun fragiele zussenband te breken.

Maartje was altijd doortastender. Op een dag nam ze Sander gewoon mee naar huis: Jongens, dit is Sander, zei ze met die vanzelfsprekende vrolijkheid, en hun ouders ontdooiden op slag voor hun charmante nieuwe aanwinst.

Anne kon zich die eerste avond precies herinneren. Ze stond in het deurgat van de woonkamer, keek toe hoe Sander met haar ouders zat te ouwehoeren, lachte om de grappen van haar vader, interesse toonde in haar moeders vragen. Vanbinnen kookte ze, maar haar gezicht bleef neutraal en beleefd. Wat was het moeilijk om uiterlijk kalm te blijven terwijl ze van binnen overspoeld werd door jaloezie!

Hij had bij haar moeten zijn! Het was háár blik die hij gevangen had, háár gevoelens die opkwamen als hij in de buurt was. Dagenlang was ze in gedachten met hem, droomde ze van gezamenlijke fietstochten langs de IJssel of door het Vondelpark… Maar Maartje greep haar kans gewoon, zonder zich druk te maken om wat haar zus voelde.

Diepe zucht. Genoeg! Ze mocht zich hier niet in verliezen. Maar hoe moest ze hiermee omgaan, als haar hart nog zo pijnlijk klopte van teleurstelling?

Maartje trok altijd mannen aan als motten op het licht. Ze was open, spontaan, enthousiast zo iemand die uren in de kroeg kon kletsen, haar studie ondertussen prima draaiende hield. Anne was anders; introverter, bedachtzaam, hield meer van wandelen langs de grachten, een goed boek, één-op-één gesprekken. Feestjes gingen aan haar voorbij en ze gaf zichzelf liever iets nuttigs te doen.

Achteraf vroeg Anne zich steeds vaker af of ze niet eens had moeten meegaan. Misschien had Sander haar dan eerder gezien: als degene bij wie je altijd terechtkunt, die serieus is maar ook warm, een doel voor ogen heeft. In plaats daarvan werd Sander verliefd op Maartje grillig, impulsief, maar onweerstaanbaar.

Het knaagde. Zelfs haar rationele zelf kon het niet ontkennen: Maartje was altijd zichzelf, zonder enige moeite. Anne was juist altijd aan het piekeren voor alles de risicos afwegen, bang om iets verkeerds te zeggen, nooit spontaan durven zijn. Zo bleef ze veilig in de schaduw staan.

Op de avond dat Maartje aan het familiediner vrolijk aankondigde dat ze ging trouwen, brak er iets in Anne. Mechanisch lachte ze, feliciteerde haar zus, gaf haar een knuffel van binnen voelde alles echter leeg. Onwerkelijk zelfs: dit kón niet waar zijn! Maar het was wél zo.

Dagenlang sliep ze vrijwel niet meer. Ze repeteerde scenarios, zocht naar een uitweg, totdat er uiteindelijk een plan in haar hoofd groeide.

Als Sander míj in plaats van haar ziet, als hij voor mij valt… En Maartje komt ons samen tegen, dan is het over. Dan zijn zij klaar. En als het niet werkt, dan heeft niemand hem. Zo is het eerlijk.

Ze regelde alles tot in detail. De wijn was er, net zoveel als Sander aankon. Ze bedacht wat ze zou zeggen, welk licht ze aan moest zetten, repeteerde de glimlach en zelfs de manier waarop Maartje haar haar uit haar gezicht sloeg.

En toen was de dag daar. Anne was zó zenuwachtig dat haar handen klam voelden, haar mond droog. Maar ze zou het tot het einde afmaken. Het ging bijna goed tot Sander direct doorhad dat zij niet Maartje was toen hij binnenkwam.

Mislukt. Hij had haar meteen door, bleef beleefd, maar vertrok richting zijn echte verloofde.

Nu zat Anne in haar kamer, naar één punt starend. Alles lag in gruzelementen. Wanhopig vroeg ze zich af: wat nu? De bruiloft kwam steeds dichterbij, en er was nog geen oplossing in zicht.

Ik moet wat nieuws verzinnen, hield ze zichzelf voor, haar vingers om het kleedje geklemd. Voordat het echt te laat is. Maar hoe langer ze nadacht, hoe hopelozer haar opties leken. Volgende keer moest ze slimmer zijn een tweede kans zou er niet meer komen…

********************

Enkele weken later verzamelde Maartje iedereen aan de grote eettafel in hun Haagse appartement. Trots en een beetje zenuwachtig kondigde ze aan dat ze zwanger was. Haar ogen glansden van geluk, de rest van de familie was dolbij. Iedereen feliciteerde haar, mama begon direct plannen te maken voor een wiegje, en papa kreeg alvast een trotste opa-glimlach.

Anne bleef stil zitten met haar dampende thee. Ze forceerde een glimlach, knikte als iemand iets aardigs zei, maar voelde vanbinnen enkel pijn. Elke opmerking, elk blij gezicht het sneed allemaal in haar hart.

Ze beeldde zich in hoe het leven er nu uit zou zien. Vaste familie-etentjes, Sander die als schoonzoon aan tafel zit, verjaardagen waarop hij boven Maartjes groeiende buik hing. De beelden flitsten onophoudelijk door haar hoofd. Hoe kon ze dit aan? Hem keer op keer zien, weten dat hij nooit van háár zou zijn… Dat was haast ondraaglijk.

Haar gedachten draaiden in kringetjes. Ze móest iets doen. Nu het nog kon.

Langzaam vormde zich een nieuw, duister plan. Wat is er pijnlijker voor een stel dan een verloren kindje? Het was gruwelijk, maar haar wanhopige hart zocht in deze wanhoop naar uitwegen.

Ze ving de blik van Maartje oprecht gelukkig, vol vertrouwen. Heel even twijfelde ze. Maar ze drukte haar emoties weg. Ze moest contact leggen met een bekende arts. Een klein bedrag in euros, dan kon hij haar helpen aan het nodige pilletje. Niet crimineel, gewoon iets dat voor complicaties kon zorgen…

Anne lachte kort in zichzelf: een geluid dat misplaatst klonk, met een venijnige ondertoon. Maartje draaide zich om bij het geluid en lachte terug, denkend dat haar zus net zo gelukkig was als zij.

Jullie geluk is voorlopig, dacht Anne vol kille vastberadenheid.

********************

Wil je wat sinaasappelsap? vroeg Anne, zo normaal mogelijk. Ze zette een geoefende glimlach op. Ik heb je lievelingssmaak meegenomen.

Ah, zo lief van je! straalde Maartje, terwijl ze Annes hand even kneep. Je bent écht de beste zus.

Anne verstijfde een tel, voelde iets in zich verschuiven, maar herpakte zich snel.

Komt eraan, antwoordde ze, haar stem zo neutraal mogelijk.

In de keuken maakte ze het pak open, schonk een glas vol. Haar hand gleed naar haar broekzak, voelde het koude pilletje. Ze pauzeerde.

Waar ben ik mee bezig? Ze keek van het glas naar de pil. Voor haar geestesoog zag ze Maartje lachen, haar ouders vol hoop, Sander zorgzaam. Echt… zou ze dit werkelijk kunnen?

Nee! Ze schudde haar hoofd, sloot haar hand om het pilletje en liet het op het aanrecht vallen. Met moeite stopte ze haar trillerige ademhaling.

Gaat het wel? Maartje verscheen in de deuropening, haar blik vol warmte. Je ziet zo bleek. Zal ik iemand bellen?

Anne keek haar aan zag het vertrouwen in haar ogen, de oprechte verbondenheid. Dit was haar zus. Haar bloed, haar familie.

Gaat wel, beetje duizelig, forceerde ze een zwakke glimlach. Zo weer over. Ik breng je sap en maak even thee voor mezelf.

Ze draaide zich weg naar de kraan, handen trillend onder het stromende water. Elk gebaar voelde zwaar, alsof ze zich door dichte mist bewoog.

De emoties kolkten. Het besef sloeg binnen: hoe dichtbij ze aan de rand had gestaan. Hoe makkelijk je je door donkere gedachten kan laten meeslepen, als je die jarenlang voedt.

Ze schonk de thee in, de warme geur iets rustgevends. Anne keek naar Maartje, die nietsvermoedend haar sinaasappelsap dronk en kletste over de babyuitzet. Zo zorgeloos… het deed pijn, maar ook een soort rust daalde over haar heen.

Hoe kon ik zo ver gaan? Dit is mijn zus. Mijn meest dierbare.

Het besef kwam hard binnen: dit was niet zomaar een vlaag, dit was het resultaat van jarenlange onderdrukte jaloezie en pijn. Het was tijd om zichzelf toe te geven hoe diep ze zat misschien moest ze echt met een psycholoog praten.

Waar zit je met je hoofd? Maartje lachte. Je bent zo stil vandaag.

Ach, gewoon druk op het werk, glimlachte Anne flauwtjes. Misschien toch iemand om advies vragen straks.

Maartje knikte tevreden en babbelde vrolijk verder. Anne luisterde, gaf af en toe antwoord, maar beloofde zichzelf: Ze zou zich nooit meer zo laten meeslepen door negativiteit. Jaloezie en wrok mochten haar leven niet meer besturen.

De eerste stap: haar gevoelens onder ogen komen, hulp zoeken als nodig, eerlijk zijn naar zichzelf en anderen.

************************

Maartje beviel op een heldere juninacht van een prachtige dochter, die onmiddellijk het hart van de hele familie stal. Al snel mochten opa, oma, en Anne haar bewonderen achter het raam van het ziekenhuis in Rotterdam. Het kleine meisje, met donsblonde haartjes en lange wimpers, sliep vredig in haar wieg en iedereen smolt bij het gezicht.

De dagen thuis werden een groot feest. Maartje en Sander leerden samen de kneepjes van het ouderschap: verschonen, voeden, knuffelen. Hun ouders kwamen met babypakjes, oma breide sokjes en opa schepte op tegen buurtbewoners over zijn eerste kleindochter.

Maar vooral Anne was stapelgek op haar nichtje. Na haar breekpunt werd ze de steun en toeverlaat van haar zus en het kleine meisje. In het begin hielp ze vooral praktisch: boodschappen doen, een uurtje babysitten, even koken. Maar al snel merkte Anne dat ze enorm genoot van de zorg: het vasthouden van het kleine lijfje, het verbazen over de mini-handjes en het eerste lachje.

Ze verzon zelf slaapliedjes, haalde schattige babykleertjes bij de HEMA, en speelde eindeloos met haar nichtje. En wanneer het meisje haar eerste stapjes zette, was Anne de grootste supporter.

Maartje zag hoe sterk de band tussen haar dochter en haar zus werd, en was oprecht dankbaar. Op een avond, toen de kleine sliep en Anne speelgoed aan het opruimen was, fluisterde ze:

Je hebt geen idee hoe fijn dit is, die rol die je voor haar speelt. Je geeft haar zoveel liefde.

Anne glimlachte verlegen, eindelijk het gevoel dat ze ergens echt bij hoorde. In al die simpele dagelijkse momenten met haar nichtje schateren, toekijken bij de eerste woordjes, knuffelen aan het eind van de dag vond ze de rust en liefde die ze zo lang had gemist.

En zo begreep Anne: soms geeft het leven je cadeautjes waar je niet op rekent. Via zorg en aandacht voor een ander vind je uiteindelijk ook jezelf en je eigen geluk.

Please rate
Bagattia News
Afgunst op het Randje