Onze oma is tachtig jaar oud. Een week geleden heeft ze mijn oudere broer en zijn vrouw het huis uit gezet. Sindsdien praat ze bijna met niemand meer. Als ik bel en zeg dat we van plan zijn langs te komen, gooit ze meteen de hoorn erop. Ze doet zelfs voor niemand meer de deur open.
Waarom mijn broer is verhuisd naar een huurwoning wil hij niet vertellen. Ik was er niet echt verbaasd over dat oma hem eruit heeft gezet, want hij was altijd onbezonnen en leefde vooral voor zijn eigen gemak.
Nauwelijks was oma alleen in haar woning in Rotterdam, of de familie kwam bij elkaar voor een ‘familieberaad’. Oma zelf was daar niet bij. De hoofdvraag was: hoe moet ze in vredesnaam alleen verder op zo’n hoge leeftijd?
De zus van mijn vader vond dat haar dertigjarige werkloze dochter wel voor oma kon zorgen. Iedereen wist echter dat dat meisje nogal roekeloos en onverschillig door het leven ging.
De andere tante van mijn vader had een andere ‘oplossing’: ze wilde voor oma een klein studiootje regelen om kosten te besparen.
– “De jongeren zijn nu in het grote appartement komen wonen. Hoe kan oma de huur betalen voor zo’n ruime woning?” was haar redenering.
Mijn oom bood aan oma in huis te nemen, zodat zijn zoon in oma’s woning kon trekken. Het klonk allemaal heel logisch: wie wil er immers alleen leven op 80-jarige leeftijd? Laat de jongeren lekker zelf hun gang gaan. Al deze ‘handige voorstellen’ kwamen zogenaamd uit oprechte bezorgdheid over oma.
– “Ik maak me zorgen om mijn moeder,” zei oom. “Op deze manier komt ze in goede, liefdevolle handen terecht!”
Mijn vader probeerde te opperen dat oma zelf mocht beslissen hoe en waar ze zou wonen, maar dat schoot bij de rest in het verkeerde keelgat.
De meest opdringerige en brutale van allemaal was die eerste tante met haar dochter. Dus stemden de anderen toe dat háár dochter zou ‘verzorgen’ voor oma. Het meisje was al bezig haar koffers in te pakken. Oma kreeg via de telefoon te horen wat de ‘familieraad’ had besloten. De oude dame, die precies begreep waar het gesprek over ging, gooide zonder pardon de hoorn op de haak.
Het nichtje stapte vol ideeën in de trein naar Rotterdam, van plan meteen te gaan verbouwen. Maar het liep anders dan gedacht. Oma opende de deur niet voor haar. Ze zette alleen een pot ingemaakte tomaten in de deuropening als ‘cadeautje’ voor haar kleindochter.
– “Hoe kan ze in haar eentje wonen?” klaagde het meisje verontwaardigd. “Ze riep dat ze in tachtig jaar nooit écht alleen heeft geleefd en dat ze dat nu, op deze leeftijd, alsnog wil gaan doen! Wie weet hoe dat afloopt? Als haar gezondheid achteruitgaat, of ze wordt ziek? Eenzaam zijn is levensgevaarlijk!”
“Oma denkt helemaal nergens over na! Ze heeft geen geweten!” foeterde mijn nichtje. “Ze woonde bij haar ouders, bij opa, bij haar man, bij haar kinderen, bij haar kleinkinderen, bij de familie van haar kleinzoon. En nu wil ze opeens alleen en in alle rust wonen? En dan ook nog in een driekamerwoning! Dit is toch belachelijk? Er moeten kansen zijn voor de jongere generatie!”
Alleen mijn vader had een nuchtere kijk op de zaak. Hij was ook niet blij met het idee dat oma nu compleet op zichzelf was, want daar hadden de tantes best een punt: er kan van alles gebeuren. Niemand heeft nog een sleutel van haar woning, want oma heeft alle sloten vervangen nadat ze mijn broer en zijn vrouw de deur had gewezen. Op die leeftijd is elke dag onvoorspelbaar.
In overleg met mijn moeder bedacht mijn vader een oplossing. Hij installeerde een kleine camera in oma’s gang. Zo kon iedereen die zich zorgen maakte met eigen ogen zien dat oma nog springlevend was. En oma zélf, als ze voorbij de camera liep, kon het niet laten om allerlei grappige gezichten te trekken.
Ze betaalt nu haar eigen rekeningen, wat geen probleem is, want alleen gebruikt ze niet veel. En alle hulp heeft ze afgeslagen, zolang niemand haar maar stoort. De familie is er intussen wel gerust op. Dankzij een klein beetje technologie heeft oma zich ontdaan van al die ongenode ‘helpers’.
Alles eindigde goed, al laat ze nog steeds niemand binnen, zelfs niet op de thee. Gisteren kwam ik bij haar langs en vond enkel een pot jam in het trappenhuis. Kennelijk is oma nog altijd bang dat ze haar vrijheid zal kwijtraken. Toch hoop ik dat ze zich ooit weer veilig genoeg zal voelen om haar deur voor ons open te doen.







