Onaantrekkelijke Gerda

Ongemakkelijke Guusje

Och, kerel, dat is toch geen man?! Dat lijkt nergens naar! Ziet Guusje dan echt niet waar ze mee thuiskomt? Klein, schriel, en een gezicht nou ja, daar schrik je toch van!

Nou, je overdrijft ook weer hoor! Hij is wat aan de korte kant, dat klopt. Maar verder moet je het niet van zijn uiterlijk hebben! Guusje is zelf ook geen tulpenprinses.

Daar heb je gelijk in. Maar stel je eens voor wat voor kinderen daaruit komen! Mijn hemeltje!

De jonge moeders zaten, zoals elke ochtend, met hun buggys op het bankje voor de flat. Even werden de dekentjes gelijkgetrokken, terwijl ze vol trots naar hun slapende hummeltjes keken. Die kinderen van Guusje en haar vent nou, die konden het niet halen bij hun eigen knappe kroost!

Guusje zelf wurmde zich uit de auto, haar verloofde met tassen boodschappen voor haar moeder achteraan. Ze knikte vriendelijk naar de buurvrouwen en riep:

Bas, lieverd, is het niet te zwaar? Geef nou, dan neem ik wat! Ze probeerde een tas van hem af te pakken, maar Bas hield voet bij stuk.

Guus, hou jij de deur maar open! Zware dingen, dat is mannenwerk. Dat hoeft niet voor jou!

De buurvrouwen wierpen elkaar blikken toe.

Hoor hem nou! Geen vrouwenwerk, weet je wel! Moet je opletten voor de bruiloft zo poeslief, maar als ze straks getrouwd zijn, zullen we eens zien wie hier de baas is!

Guusje en Bas waren inmiddels in het portiek verdwenen, maar de moeders discussieerden nog uitgebreid over hun posturen, hun gezichten, de prijs van Bas auto, en de wijze van lopen van Guusje. Want roddelen is geen kunst, dat kan iedereen.

Guusje had daar allemaal geen tijd voor. Ze haastte zich naar haar moeder, die ze al twee weken niet had gezien. Eerst een zakenreis, daarna druk met klussen in hun nieuw appartementje, alles moest af vóór de bruiloft. Moeder hield haar streng in de gaten: Goed voor jezelf zorgen, Guus! Niet steeds langskomen, joh! De koelkast zit vol, mijn telefoon doet het, en over een paar weken is het zover. Je hebt je handen vol, dus geen zorgen!

Guusje hield het echter niet meer vol. Nooit was ze langer zo ver weg geweest van haar moeder. De onrust kreeg ze simpelweg niet onder controle.

Guusje was het enige kind van Marjo, op haar vijfendertigste geboren. Op Marjo, die al haar hele leven achter de toonbank van een klein buurtsupermarktje stond, hadden familie en vrienden het allang opgegeven. Oude vrijster, lachten ze. Kinderen? Dacht het niet!

Maar Marjo verraste iedereen. Ze ging met de bus naar Scheveningen, kwam terug met een vriend en wat voor één! Lang, breedgeschouderd, blauwe ogen als slootjes na de regen. Vergeleken met hem oogde Marjo als een muisje bij een statige Maine Coon. Geen stel, zo zeiden de kenners.

Maar na de komst van Alexander droeg zíj de bontjas. Alexander was slim, gretig, en zuinig maar nooit op zijn vrouw. Hij spaarde en investeerde, en Marjo waaide op. Nieuwe kleren, frisse coupe, en de aanloop van kletsende vriendinnen stopte vanzelf.

Echte vriendinnen had Marjo nooit. Te gewoon, te gewoontjes, en te onopvallend. Nooit gevraagd op een feestje, nooit op de dansvloer. Niemand die naast haar wilde zitten. Dus die paar buurvrouwen die langskwamen om via-via dat schaarse blik erwtensoep in hun tas te krijgen, mistte ze niet.

Ze was altijd bang voor roddels. Die kunnen harder aankomen dan een fietsketting op je blote kuit. Men vond Alexander geen partij voor haar dus altijd wel iemand die hem advies wilde geven, poneerde ze. Daarom maakte Marjo van haar huis een fort, voor niemand open behalve familie.

Dat fort was niet nodig Alexander had alleen oog voor Marjo. De oude volkswijsheid op uiterlijk kan je niet vatten was hem bekend. Hij had zelf meer dan genoeg meegemaakt ouders verloren voor zijn derde, opgegroeid bij een oma met een serieuze jeneverpassie. Zijn uiterlijk, iedereen viel erover maar aandacht was zelden prettig.

Hij werd opstandig en nors. Snappen mensen eigenlijk hoe het voelt om altijd buitenstaander te zijn? Oma hield meer van de borrel dan van haar kleinzoon. En daar kwam zelden iemand verder dan wat een knapperd! nooit: Gaat het, jongen?

Behalve Juf Annie van de bakker, waar hij elke dag brood haalde. Ook zij alleenstaande moeder, wist als geen ander hoe het is om zonder moeder te leven: een huisje waar niet altijd veel was, maar altijd vers brood en aardappelen, met als toetje thee met honing van de buurman-imker.

Ach, laat zitten het wisselgeld, lachte buurman, ook jij deelt met hart en ziel, dus laat mij mijn werk doen!

Voor Alexander was een knap, knapperig bolletje bij het brood, met een aai door zijn krullen, het hoogtepunt van de dag.

Op school opeten, zei juf Annie streng, en aaide langs zijn oren.

Die aandacht zacht, zomaar gegeven was het mooiste van de dag. Eerst weigerde Alexander het broodje, maar om haar niet te beledigen, zei hij later gewoon dank je wel. Hij hielp na school in de bakkerij en Annie werd voor hem zijn tweede moeder.

Toen zijn oma overleed, was Annie er gelijk bij.

Jij bent allang mijn zoon, alleen nu officieel zo gepiept.

Alexander kreeg broers, een echte moeder en de woede verdween.

Hij maakte MTS af, repareerde omas flatje en ging werken. Maar liefde? Dat liep stroef. Vrouwen vonden hem leuk, maar zodra het serieus werd, haakten ze af.

Je bent te aantrekkelijk, Alex, kreeg hij te horen. Je laat me toch zitten. En straks met kind en al. Voor zon adonis zijn vrouw en kinderen ballast kijk nou maar in de spiegel, de hele straat loopt met je weg.

Zijn oude boosheid stak weer even de kop op, maar Annie wist raad.

Jongen, zij is het niet waard. Maar de jouwe loopt ergens wacht maar af! Zonder hoop gebeurt er niks in het leven. Gewoon afwachten!

Jaren gingen voorbij en de ware dook niet op. Annie duwde Alexander naar het strand: Je móet de zee zien! Gigantisch, altijd anders. Toe nou, jongen, dat wil je niet missen!

En daar, in Zandvoort, ontmoette hij Marjo ze stond bij de boulevard, turend naar de golfslag. Voor anderen onzichtbaar, maar voor Alex leek ze sprekend op zijn tweede moeder. Toen hij haar wat beter leerde kennen, snapte hij: wát een geschenk kreeg hij nu zo mooi, zacht, en warm als Annie. Dat was zijn kans en die liet hij niet los.

Hun dochter, Guusje, werd bemind alsof ze het kroonjuweel van het gezin was.

Niet te lief zijn voor dr, hè Marjo, zei Alex weleens bezorgd, we mogen haar niet verwennen!

Komt goed, lachte Marjo. Ze heeft jouw koppie én mijn hart.

Ook Annie was trots: Heel haar moeder! Zo lief, zo zorgzaam. Let op je meiden, Alex zon liefde in huis, dat is geluk, jongen!

Met zijn broers en Annie hield Alexander altijd nauw contact. Zijn gezondheid hield hij lang stil, maar vertelde de broers het eerst.

Goed zo Alex, altijd de juiste volgorde. Wij regelen wat nodig is, zeiden ze.

Binnen een paar dagen stond er een arts klaar. De diagnose was beroerd, maar opgeven deed niemand.

Niet huilen, man! Je hebt Guusje. Wij staan naast je. De medische wetenschap is top.

Het duurde tien jaar. Alexander bleef de dokters verbazen met zijn koppigheid.

Anderen zouden allang de pijp aan Maarten gegeven hebben, zeiden ze. U bent een taaie!

Alex knikte, draaierig, maar dacht alleen aan Marjo en Guusje, die uit school naar het ziekenhuis sprintte met een pan soep.

Niet zoveel trek, meisje, zei Alexander dan moe.

Gewoon eten, papa! De soep is te zout, mam moest huilen tijdens het koken. Maar ik zei haar: niet meer janken, want jij komt gewoon weer thuis. Toch, hè?

Dat klopt, Guusje. Dat komt goed, schatje.

En telkens kwam hij thuis, ondanks de doemscenarios van de dokters. Want thuis wachtte zijn gezin wie kan dan wegblijven?

Op een dag sliep hij stilletjes in, thuis, met zijn hoofd op Marjos schouder. Zij zat tot de ochtend, hem vasthoudend en haar leven overdenkend.

Och Alex Niet zeuren, zo mooi geweest. Onwijs gelukkig ben ik geweest met jou. Dankjewel, lief.

Guusje kwam de volgende ochtend ontbijt brengen, en piepte als een vogeltje dat klemzat.

Sst, meisje Papa heeft geen pijn meer. Hij is nu echt goed. Niet huilen, oké? Ik ben bij je

Maar Marjo en Guusje bleven niet alleen. Alex broers schoten te hulp, Annie kwam logeren, de familie trok samen op om dit grote verdriet aan te kunnen.

De jaren verstreken. Guusje groeide. In de spiegel keek ze liever niet. Ze wist dat ze geen klassieke schoonheid was, wat ze ook probeerde.

Ze kon haar neus toch niet laten krimpen? Of haar ogen groter maken? Ze knabbelde kilos wortels, want daar groei je van maar ook dat werkte niet.

Op school werd ze gepest, en Marjo suste haar, zachtjes: We zullen nog wel zien wie er het gelukkigst wordt, schat. Wacht maar af.

Guusje haalde haar vwo en studeerde af in Amsterdam, maar haar zachte aard werd niet opgemerkt. De vlotte meiden, die trokken de jongens. Haar samenvattingen waren echter geliefd in tentamentijd die zaten altijd keurig in elkaar, want bij de colleges keek ze niet om zich heen: daar had ze weinig te zoeken.

En nu, mam? vroeg Marjo sip, toen Guusje een topbaan had maar geen idee had hoe je aan een relatie moest beginnen.

Och! Dan sturen we haar toch naar zee! Annie lachte breed. Heeft eerder gewerkt, toch? Of niet dan?

Plan! Alleen, Guusje wil niet alleen, dat weet je.

Dan gaan we lekker met zijn allen! De jongens mee, hun vrouwen, kinderen hele familie. Als ze genoeg gek doet, vlucht Guusje vanzelf even weg. Weet je nog, vorige keer dat ze van de tuin naar de stad vluchtte? Onze boefjes krijgen haar wel zo gek om weg te sneaken! Zij in haar eentje tegenover al die kleine neven die houdt dat niet vol.

We gaan! Marjo knikte vastbesloten.

Maar het lot had andere plannen. Guusje ging best naar zee, maar weigerde alleen te gaan. Hoe ze ook bedelden, ze bleef bij haar familie.

En het toeval had weer wat in petto. Terug in de stad, net terug van werk, parkeerde Guusje haar auto en jawel een zomerbui brak los.

Dag, mooie lakleren pumps! Guusje trok haar schoenen uit en trippelde op blote voeten door de plassen naar haar huis, waar haar moeder vast zat te wachten. Juist bij de voordeur spatte een auto een hele golf natduister water over haar heen.

Geweldig, was het enige wat ze wist uit te brengen.

Daarna schoot ze in de lach zó aanstekelijk dat de bestuurder, die even stopte om zijn excuses aan te bieden, gefascineerd bleef kijken.

Het lot glimlachte, zette weer een vinkje, en ging verder, overtuigd dat Guusje en Bas het samen zouden rooien.

En ja hoor

Een paar jaar later zaten dezelfde buurvrouwen weer op hun bankje, nu met puberkinderen onder handbereik, en zwijmelden toen Bas bij het flatgebouw parkeerde.

Heb je die pels gezien van dat mens?! Mijn vent moet je daar niet mee aankomen, maar zij loopt ermee weg.

Ga je weer beginnen?

Het staat haar voor geen meter. Echt, geen gezicht.

Jij bent gewoon jaloers. Laat ze toch gelukkig zijn die man van haar, niet moeders mooiste, maar wat zachtaardig! En begaan met die kinderen! Die verwent-ie, hoor. Maar jij zit jezelf op te vreten.

Je hebt gelijk! Waarom heeft zij alles? Onbegrijpelijk! Kijk nou toch niet knap, geen model, maar die kinderen! Om op te vreten! Hoe kan dat?!

Genetica, liefje. Haar vader was de knapste van het dorp, zei mijn moeder altijd. Dus ja, zo werkt het.

Maar waarom is Guusje dan altijd zo aardig? Zeg je wat, lacht ze alleen maar. Geef je advies, zegt ze rustig dankjewel nooit stuurt ze je het bos in. Ik zou de hele wereld haten als ik zo weinig schoonheid had meegekregen.

Misschien zou jij minder jaloers moeten zijn, dan werd je vanzelf knapper!

Ga toch weg! Ik kom met een Ivan, krijg een domme mop terug! Hoe zorgt zij ervoor dat Bas haar op handen draagt, zon vent die je bijna verstikt van liefde? Weet zij iets wat wij niet weten?

Vraag het haar! Misschien verklapt ze het!

Geen denken aan! Van zo iemand wil ik het niet leren.

Tja, jij weet het zeker. Beter tandenknarsen van jaloezie, hè?

Maar Guusje kon het niet schelen wat de buurvrouwen roddelden. Ze had haar handen vol aan haar eigen. Haar moeder verzwakte, Annie verhuisde juist om dichterbij te zijn en wat met de achterkleinkinderen te helpen. Ooms hielpen met klusjes, Bas werd weer ingezet voor het tuinpad of een lekkende kraan. Het is altijd aanpoten met kinderen.

Sasja, Meesje! Naar binnen! Oma heeft appeltaart klaar, zo laat je haar niet wachten!

En weer was er een avond met tijd voor gesprek, een liedje bij de gitaar, en een verhaaltje voor het slapengaan van Marjo.

En het leven ging verder ©En als het huis s avonds rustig werd en Bas nog even de vaatdoek door de keuken haalde, dwaalden Guusjes gedachten altijd heel even af naar dat meisje dat vroeger niet in de spiegel durfde kijken. Ze dacht aan alle vreemden die haar hebben laten weten wat er ontbrak én aan de paar mensen die haar zonder voorbehoud liefhadden. Ze glimlachte stil, streek Bas over zijn krullen, en voelde zich warmer dan ooit tevoren.

Boven, aan het voeteneind van het bed, klauterde Meesje nieuwsgierig omhoog. Mama, waarom ben jij altijd zo blij? vroeg ze met een slaperig stemmetje.

Guusje trok het dekbed recht over haar dochter, kuste haar voorhoofd en zei: Omdat ik alles al heb, lieverd. Alles wat telt.

En terwijl de regen als flarden uit haar verleden op t zolderraam tikte, lag Guusje wakker, luisterde naar de zachte adem van haar gezin en begreep ze eindelijk haar moeder. Niet perfect, niet stralend in de etalagebut rijk met wat altijd schuilgaat onder het oppervlak: zachtheid, trouw, en een liefde die nooit om zichzelf roept, maar altijd terugkomt, als een golf die zachtjes het strand kust.

Please rate
Bagattia News
Onaantrekkelijke Gerda