– Stil! Doen alsof we er niet zijn! zei Pieter rustig.
– Maar de bel gaat! Anneke verstijfde half opstaand van de bank.
– Laat maar, antwoordde Pieter.
– En als het iemand belangrijks is? vroeg Anneke. Of iets dringends?
– Zaterdag, twaalf uur, zei Pieter. Jij verwacht niemand, ik ook niet. Conclusie?
– Ik kijk even stiekem door het spionnetje! fluisterde Anneke.
– Gaan zitten, zijn stem was onverbiddelijk. Wij zijn gewoon niet thuis! Wie het ook is, laat ze maar weer vertrekken!
– Maar weet jij dan wie het is? vroeg Anneke.
– Ik heb zo mijn vermoeden, dus blijf jij uit het zicht van de ramen!
– Als het is wie ik denk dat het is, gaan ze echt niet zomaar weg, Anneke haalde haar schouders op.
– Dat hangt er vanaf hoe lang wij de deur niet open doen. Ooit zijn ze het zat en vertrekken ze, antwoordde Pieter kalm. Niemand blijft echt slapen in het portiek. En wij hoeven nergens heen. Dus pak je oordoppen, je telefoon en kijk lekker die film.
– Piet, mijn moeder belt, zei Anneke, haar telefoon omhoog houdend.
– Dan staat vast je tante met haar oenig zoontje voor de deur, concludeerde Pieter.
– Hoe weet jij dat? verrast keek Anneke hem aan.
– Als het mijn neef geweest was en Pieter maakte het woord neef expres extra onaangenaam lang dan had mijn moeder wel gebeld!
– Zijn er geen andere opties? vroeg Anneke.
– Als het de buren zijn, heb ik geen zin om te praten. Als het vrienden zijn, bellen ze één keer aan en gaan ze weer. Of zoals het hoort hadden ze even gebeld of het uitkomt! En niet een half uur op de bel rammen! Zo brutaal kunnen alleen familieleden zijn!
– Piet, tis inderdaad mijn tante, zuchtte Anneke wanhopig. Mn moeder heeft net geappt.
Ze vraagt waar we ergens uithangen. Tante Karin blijft een paar dagen logeren, ze heeft zaken in de stad!
– App maar dat er genoeg hotels zijn in Amsterdam, Pieter lachte breed.
– Pieter! bitste Anneke verontwaardigd. Dat kan ik echt niet zeggen!
– Ik weet het. Pieter dacht even na. Zeg maar dat wij niet thuis zijn, dat we in een hotel zitten omdat er onlangs ongediertebestrijding was.
– Yes! Anneke typt snel en stuurt haar bericht.
– Piet, ze wil dat wij twee kamers regelen: eentje voor haar en een voor Koen. Anneke was sprakeloos.
– Zeg maar dat we geen geld hebben. En zeg er gelijk bij: wij hebben zelf twee bedden in een hostel geboekt, dr liggen vijftien bouwvakkers bij op de kamer, Pieter grinnikte om zijn eigen vindingrijkheid.
– Nu vraagt mam wanneer we terug zijn, keek Anneke hem aan.
– Zeg maar over een week, wuifde Pieter haar weg.
De bel stopte. Ze haalden opgelucht adem.
– Piet, mam zegt dat tante over een week terugkomt, Anneke klonk nu verslagen.
– En dan zijn wij wéér niet thuis, zei Pieter droog.
– Pieter, je snapt best dat dit geen oplossing is? We kunnen toch niet eeuwig voor ze weglopen?
Wat nou als ze op een doordeweekse dag voor de deur staan? Of na ons werk opwachten? Mijn tante, jouw neef Ze verzinnen altijd wel iets!
– Tja, Pieter werd mismoedig. Waarom hebben we in godsnaam dat driekamerappartement gekocht?
– Piet, we deden het voor ons toekomstige grote gezin, zei Anneke zachtjes.
– We moeten gewoon aan kinderen beginnen! zei Pieter beslist. Of beter nog: meteen twee!
– Alsof ik tegen ben? schoot Anneke uit. Jij weet ook dat er eerst onderzoeken moeten gebeuren! Het lukt gewoon niet!
– We moeten af van die stress, dan lukt het misschien wél, sprak Pieter serieus. Ze maken ons knettergek, om beurten jouw familie en de mijne!
We zouden ze gewoon allemaal terug moeten sturen waar ze vandaan komen. Door hen lukt zelfs dat niet meer.
Anneke zweeg. Ze wist dat Pieter gelijk had.
***
Toen ze gingen trouwen, deden ze alle dure onderzoeken naar compatibiliteit en erfelijke aandoeningen. Vruchtbaarheid? Alles was toen tiptop in orde. Maar direct na het huwelijk moesten ze het uitstellen, eerst sparen voor hun eigen huis.
Op erfgoed konden ze niet rekenen. Voor het huwelijk woonden beiden nog bij hun moeder, in kleine flats. Ze moesten dus echt alles zelf doen.
Vijf jaar hard werken en streng leven leverden hun een ruim appartement op.
Bestaande bouw, matig onderhouden, flink moeten klussen, de meubels bijna allemaal opnieuw gekocht. Maar wat waren ze gelukkig!
In Pieter zn hoofd dreunde constant dat deuntje uit een oude Nederlandse musical over flatjes in Amsterdam.
Kaarsje uitgeblazen na de housewarming stond opeens Annekes tante Karin op de stoep, met haar zoon in haar kielzog.
En om de jonge eigenaren niet te veel tegen te spreken, kwam schoonmoeder gezellig mee.
– Nou, hier zitten jullie niet op elkaars lip zoals wij vroeger wel bij Anneke! Lekker ruim hè?
– Ideaal, knikte tante Karin goedkeurend. Mooi, dan kan Koen op een eigen kamer. En ik neem de logeerkamer!
– In onze woonkamer slaapt niemand, zei Pieter meteen. Dit is onze ontspanningsruimte.
– Ik ga hier heus niet werken, hoor! lachte tante Karin. Anneke, leg je man eens uit dat slapen met mijn zoon geen doen is, hij snurkt!
En waar blijft trouwens de koffie, ik ben er nu wel aan toe!
– We hadden jullie niet verwacht, gaf Anneke ongemakkelijk toe.
– En de koelkast is leeg, viel Pieter haar bij.
– Oké dan, tante Karin had haar dag, Piet, ga snel naar de supermarkt, Anneke naar de keuken!
– Wat staan jullie nou te dralen? viel schoonmoeder in. Zo ga je toch niet met gasten om!
– Hebben ze een zonnesteek? wilde Pieter uitroepen, maar Anneke trok hem snel mee naar de slaapkamer.
Toen hij zijn hand los had, siste hij:
– Anneke, zijn ze hier niet in de war? Ik zet ze zo op straat bij jouw moeder hoor! Samen met jouw moeder!
Als ze bezoek zijn, kunnen ze zich ook als gasten gedragen! Dit slaat nergens op!
– Peet, ze is gewoon simpel, vrouw van het platteland. Daar doet men nu eenmaal zo!
– Ik ken genoeg mensen van het platteland, nergens is lompheid normaal! Dit is gewoon brutaal!
– Schat, laat nou geen ruzie komen met mijn moeder of tante! Anders jagen ze mij én jou straks gillend het huis uit!
Jij wordt voor hun de vijand. Wil je dat?
– Het maakt me niks uit wat ze van mij vinden! Als ze mij zo behandelen, hoeven ze niet te komen! Mij zie je niet meer, ze zullen me niet missen!
– Peet, alsjeblieft! Weet je wat mijn moeder met me doet als ik tante Karin eruit zet? Dan verstoot ze me! En ik heb niemand anders dan haar…
Dat argument werkte. Pieter beet op zijn kies en liep naar de supermarkt.
Tante Karin bleef uiteindelijk geen drie, maar twee weken logeren. Na dag twee stond Pieter al aan de valeriaantabletten.
Toen tante en haar zoon vertrokken, vierden Pieter en Anneke het met een grote schoonmaak alsof het kerst was. Dagenlang schrobden ze het appartement.
En daarna wisselde het gewoon van kant.
– Gozer, ik blijf maar kort, Arjan, zn neef, gaf Pieter een oncharmante beerknuffel. Even wat dingen regelen, en dan zijn we weer weg!
– Kun je dat niet alleen regelen? vroeg Pieter droog.
– Ben je betoeterd? Ik laat mijn gezin toch niet alleen in Almere zitten? Wie weet wat ik tegenkom! Mijn vrouw houdt alles in de gaten.
– Dus daarom sleep je de kinderen ook mee? vroeg Pieter.
– Ja duh, wat moeten ze anders? Arjan gaf hem een klap op de rug. Voor de kids is Amsterdam één groot speelparadijs! Kom, gaan we de stad op stelten zetten net als vroeger!
– Arjan! krijste Mireille. Als jij iets op stelten zet, zit je zonder gestel!
Binnen anderhalf uur na aankomst dolden de kinderen gillend door het appartement. Anneke kreeg er koppijn van.
Mireille kon alleen schreeuwen, anders leek ze niet te kunnen praten.
En Arjan wilde uit, terwijl Mireille steeds harder schreeuwde.
– Piet, je bent toch enig kind? murmelde Anneke, kussens tegen haar oren drukkend.
– Dit is een neef van moeders kant, bromde Pieter.
– Het kan me niet schelen hoe je hem noemt, kun je hem niet wegkrijgen?
– Ik zou graag willen, maar dan trekt mijn moeder me helemaal leeg met al haar geklaag!
Ze hadden net de deur achter de ene familie dicht of daar stonden de anderen al. Tante Karin vond telkens nieuwe redenen om in Amsterdam te zijn.
Neef Arjan met gezin kwam zo nu en dan onvoorzien wat regelen. En de moeders misten hun kinderen ook. Schoonmoeder haalde alles uit de kast tegenover Pieter, zijn eigen moeder deed hetzelfde richting Anneke.
Al die stress ondermijnde hun relatie en gezondheid.
Van kinderen kwam zo natuurlijk helemaal niets. Er was geen energie meer, en zelfs geen gelegenheid hoe dan?
***
– Zullen we verhuizen? stelde Anneke opeens aarzelend voor.
– Naar een gesloten afdeling, bedoel je? lachte Pieter droog. Ze nemen ons spoedig toch wel op!
– Nee, Anneke lachte dun. Ik bedoel: ons appartement ruilen voor eenzelfde soort, maar dan in een andere wijk. Sommige mensen willen graag ergens anders wonen. Dan gaan wij daarheen en zeggen tegen niemand waarheen.
– Uitstel van executie, grijnsde Pieter. Jouw tante en mijn neef weten het nieuw adres toch binnen een week via de nieuwe bewoners. Ze zoeken ons op en nemen wraak!
– Misschien hebben we dan tenminste genoeg tijd om zwanger te raken? probeerde Anneke hoopvol.
– We moeten niet alleen zwanger worden ook baren! En zelfs dat houdt ze niet tegen, Pieter schudde zijn hoofd.
– Misschien moeten we weg uit huis bij vrienden logeren? Even verstoppen?
– Je bedoelt Maarten en Saskia? vroeg Pieter.
– Precies, knikte Anneke. Zij hebben nog een kamer vrij.
– Maar hun hond Tera slaapt daar! lachte Pieter. Ben je haar vergeten?
– Heel eerlijk: liever leef ik een maand met een Duitse herder dan ook maar een dag met onze familie! Anneke liet haar hoofd moedeloos zakken.
– Wacht! riep Pieter plotseling, hij greep zijn telefoon. Maarten, mag ik jullie hond lenen?!
– O topgozer! Ik sta in het krijt! Saskia en ik willen samen naar de Veluwe, maar niemand kan op Tera passen. Ze vertrouwt bijna niemand, maar jullie kent ze, ze vindt jullie fantastisch! riep Maarten enthousiast. Ik lever voer, mand, speeltjes, alles aan! Ik geef je er nog extra voor!
– Breng maar! zei Pieter dolblij.
Met een gezicht als de lentezon draaide hij zich naar Anneke:
– Bel je moeder maar, zeg dat tante morgen welkom is! Dan bel ik mijn neef, dat hij deze week langs kan komen.
– Weet je het zeker? vroeg Anneke.
– Wij zijn geweldig gastvrij! sprak Pieter opgewekt. Niemand kan er iets aan doen dat wij zon beest als huisdier hebben, toch?
Een enkele grom van Tera was genoeg voor Arjan’s gezinnetje om direct voor een luxe hotel te kiezen.
– Doe dat monster weg! piepte Mireille, verscholen achter haar zoontje.
– Grapje zeker, tante Karin? lachte Pieter breed. Vijfendertig kilo spiermassa! Deze herder schop elke deur eruit. Geen schoothondje, hoor!
– Waarom staart ze me zo woest aan…? tante Karins stem trilde.
– Ze houdt gewoon niet van vreemden, zei Anneke nonchalant.
– Jullie moeten dat beest wegdoen! Ik kan hier zo niet slapen!
– Hoe zo, wegdoen? schoot Pieter verontwaardigd uit. Deze lieve hond is ons gezinslid! We hebben geen kinderen, je moet toch iets hebben om te koesteren! En wij zijn dol op haar!
– En we laten haar voor geen goud achter! vulde Anneke aan.
Niet lang daarna belden beide moeders. Waarom hadden ze hun familie zo onvriendelijk ontvangen?
– We hebben niemand weggestuurd, zeiden Pieter en Anneke vriendelijk. Ze wilden zelf niet blijven! Kom gerust langs, ons huis is altijd open!
– En de hond dan?
– Mam, wij zijn gastvrij voor iedereen!
Maar opvallend genoeg, hielden beide moeders zich nu ook op de achtergrond.
Een maand later haalde Maarten Tera weer op, helemaal klaar om direct terug te komen bij oproep.
Dat was niet meer nodig. Anneke bleek zwanger van een tweeling nog wel.
Het belangrijkste: zeg nooit nee tegen familie maar een goede hond beschermt je soms het beste.
Blijf zitten! Wij zijn niet thuis! – zei Peter rustig.







