In 1951 werd de 14-jarige Nederlandse jongen Jan de Vries wakker in een ziekenhuisbed… met honderd hechtingen op zijn borst. Artsen hadden net één van zijn longen verwijderd om zijn leven te redden

In 1951 werd de veertienjarige Nederlandse jongen, Jeroen van Dijk, wakker in een ziekenhuisbed in het Onze Lieve Vrouwe Gasthuis in Amsterdam… met wel honderd hechtingen op zijn borstkas. Artsen hadden net zijn ene long moeten verwijderen. Om het te overleven had hij maar liefst dertien zakken bloed nodig van wildvreemde mensen mensen van wie hij de namen nooit zou kennen.

Zijn vader, Pieter, zat naast hem en sprak de woorden uit die zijn leven voor altijd zouden veranderen:
Je leeft alleen omdat iemand bloed heeft gegeven.

Op dat moment deed Jeroen zichzelf een belofte: zodra hij achttien was, zou hij zelf bloeddonor worden. Hij wilde iets terugdoen voor het geschenk dat zijn eigen leven heeft gered.

Maar er was één probleem.
Jeroen was doodsbang voor naalden.

Toch meldde hij zich op de dag van zijn achttiende verjaardag bij de bloedbank. Hij nam plaats in de stoel, staarde naar het plafond en liet de verpleegkundige rustig de naald zetten.
En hij keek nooit. Geen enkele keer.
De komende vierenzestig jaar bleef hij dat zo doen.

Wat Jeroen toen nog niet wist, was dat zijn bloed bijzonder was.
Na een paar donaties ontdekten de artsen iets verbazingwekkends: zijn plasma bevatte een uiterst zeldzaam antilichaam, waarschijnlijk als gevolg van de transfusies die hij als kind had ontvangen. Dat antilichaam kon voorkomen dat babys zwaar ziek of zelfs dood werden geboren door een Rh-ziekte.

Vroeger stierven elk jaar duizenden Nederlandse babys doordat het lichaam van vrouwen met een negatieve rhesusfactor het bloed van hun ongeboren kind begon aan te vallen.
Miskramen. Doodgeborenen. Ernstige hersenschade.

En de oplossing zat… in Jeroens bloed.
Artsen vroegen of hij bereid was niet alleen bloed, maar ook plasma te doneren. Dat betekende langere behandelingen anderhalf uur in plaats van twintig minuten per keer. Dat betekende elke paar weken naar het ziekenhuis. Een leven lang.
Jeroen dacht aan zijn angst.
Hij dacht vervolgens aan al die kinderen.
En hij zei: ja.

Vierenzestig jaar lang miste Jeroen van Dijk geen enkele donatie.
Hij doneerde plasma op blije dagen en op momenten van verdriet. Hij bleef het doen terwijl hij werkte als conducteur bij de NS. Hij stopte niet toen hij met pensioen ging. Zelfs niet toen zijn vrouw Marijke in 2005 overleed een periode die hij omschreef als de donkerste tijd in zijn leven.

Elke keer 1173 keer in totaal staarde hij naar het plafond, praatte met de verpleegsters, telde de tegels op de muur alles om maar niet naar de naald te hoeven kijken.
Zijn angst verdween nooit.
Maar toch bleef hij komen.

Het lot had een onverwacht hoofdstuk in petto: zijn eigen dochter, Lianne, had tijdens haar zwangerschap het medicijn nodig dat gemaakt was van Jeroens plasma. Zijn kleinzoon, Daan, leeft dankzij de beslissing die zijn opa decennia eerder nam.

In mei 2018, op zijn 81e, moest Jeroen volgens Nederlandse wet voor de laatste keer plasma geven.
In de zaal zaten moeders met gezonde babys op schoot levend bewijs van Jeroens stille heldendom. Ze bedankten hem, sommigen met tranen in hun ogen.

Jeroen nam plaats in de stoel, keek voor de laatste keer weg en doneerde zijn plasma voor de 1173e keer.

Sinds 1967 zijn er meer dan 3 miljoen doses Anti-D-medicatie verstrekt met componenten uit zijn bloed. Wetenschappers schatten dat zijn gift ongeveer 2,4 miljoen babys in Nederland het leven heeft gered.

Als men hem een held noemde, haalde Jeroen slechts zijn schouders op:
Ik zit gewoon in een veilige kamer wat bloed te geven. Ik krijg een kopje koffie en een koekje. Dan ga ik weer naar huis. Geen probleem.

Jeroen van Dijk overleed vredig in zijn slaap op 17 februari 2025, op 88-jarige leeftijd.

We zoeken helden vaak in films of geschiedenisboeken mensen met superkrachten, rijkdom of roem.
Maar soms is een held gewoon iemand die 64 jaar lang zijn belofte houdt.
Iemand die angst voelt echte, verlammende angst en het toch doet.
Want miljoenen mensen leven vandaag omdat één persoon vond dat zijn eigen angst minder belangrijk was dan het leven van een ander.
En jij? Welke kleine, moedige stap kun jij zetten zelfs als je bang bent?

Please rate
Bagattia News
In 1951 werd de 14-jarige Nederlandse jongen Jan de Vries wakker in een ziekenhuisbed… met honderd hechtingen op zijn borst. Artsen hadden net één van zijn longen verwijderd om zijn leven te redden