Dagboek De Kunstenaar
Die kat is de duivel in kattengedaante, Annemiek! Je moet hem wegdoen! Corrie trok haar neus op en keek vol afschuw naar de rossige kater, met zijn ene oor, die om de benen van mijn zus draaide.
Wat zeg je nou, Corrie?! riep Annemiek geschrokken uit. Het is ook gewoon een levend wezen!
Levend wezen, dat zeker! Maar wel eentje met veel te veel kuren. Vind je niet dat hij te brutaal is geworden, Annemiek?
Alsof hij haar woorden wilde bevestigen, blies de kater plotseling, boog zijn rug en begon zijwaarts, dreigend op Corrie af te sluipen.
Zie je wel! riep Corrie triomfantelijk, haar vinger priemende in de richting van de kater, terwijl ze onwillekeurig een stap achteruit zette. Wat zei ik je!
Annemiek zuchtte en riep haar trouwe vriend tot de orde, Kunstenaar, liefje, doe maar rustig! Alles is goed.
De kater keek over zijn schouder naar zijn baas en kalmeerde direct. Hij dribbelde weer naar Annemiek, gaf haar zere been een duwtje, en ging naast haar zitten, klaar om haar te verdedigen als het moest.
Wat een schoft, mopperde Corrie en liep met een boogje om Kunstenaar heen. En jij hebt nog medelijden met dat beest!
Iemand moet het toch voor hem opnemen? zuchtte Annemiek.
Kunstenaar was nu drie jaar bij haar. Die jaren waren allesbehalve lichtvoetig voor mijn zus. Nauwelijks had ze afscheid genomen van haar man, of hun enige zoon overleed, waardoor Annemiek helemaal alleen achterbleef behalve dan Corrie en een paar vage contacten. Vriendinnen had ze eigenlijk nooit gehad.
Mijn Corrie was er altijd.
Zij was de oudste. Ons leeftijdsverschil was klein, maar onze ouders gaven altijd duidelijk aan: Corrie is de oudste, heel verantwoord! Je kunt haar alles toevertrouwen het komt altijd goed! En Annemiek Annemiek is ons engeltje, een kleine troost voor het hart. Geweldig kind, maar zo verstrooid Het is soms wat moeilijk!
Zo groeiden we op: Corrie was de ster, knap, slim, en overduidelijk het talent, en Annemiek het verstrooide lievelingetje.
Waarom prijzen ze jou altijd zo? Snap ik niks van! klaagde Corrie als Annemiek weer eens goede cijfers had. Goed je best doen hoort gewoon zo! Moet je daar nu lof voor krijgen?!
Corrie, ik ben niet zo slim als jij! Jij hebt alleen maar tienen, ik ben al blij met een acht.
Precies! En dan word JIJ nog geprezen! Corrie was altijd wat gepikeerd, en Annemiek probeerde haar lach te verstoppen zodat ze haar zus niet nog bozer maakte.
Corrie maakte haar middelbare school moeiteloos af, ging studeren aan de universiteit en kwam daarna nog maar zelden thuis.
Hoe gaat het, Corrie? probeerde Annemiek af en toe te weten te komen hoe het met haar zus was.
Het gaat, jammer dat het allemaal zo langzaam gaat. Had ik maar meer uren in een dag!
Te weinig tijd om te studeren? vroeg Annemiek bezorgd.
Studie? Ach wat, nee! Ik heb gewoon geen tijd voor mijn privéleven! Hoe kun je nu een leuke jongen leren kennen als je altijd aan het rennen bent? Zonder stevige carrièrebasis kom je toch nergens!
Oh Corrie, daar heb ik nooit aan gedacht
Jij, denken? Corrie lachte vaak om haar steken onder water, zonder te merken dat Annemiek er verdrietig van werd. Dat is volwassenzaken, dat is niks voor meisjes zoals jij!
Annemiek probeerde het te laten gaan, verborg haar gekwetste gevoel, maar voelde altijd oprechte blijdschap als Corrie iets lukte. Een ster moest stralen en zelf keek ze liever vanaf de zijlijn.
Aan het einde van haar studie was Corrie nog altijd alleen. Jongens liepen met een grote boog om haar heen: haar scherpe tong en temperament boezemden angst in. Moeders tips om zich wat milder op te stellen maakten geen enkel verschil.
Mam, ik begrijp niet wat je van me wilt! Moet ik als een stil muurbloempje in een hoekje gaan zitten? Kom nou! Dat laat ik wel aan Annemiek over, dat is niets voor mij!
Lieve schat, niemand vraagt je om je hele karakter te veranderen. Maar een beetje zachtheid dat doet het goed bij mannen.
Oh mam, wat weet jij nu van moderne jongens? Die tijd is geweest.
Toen gebeurde iets onverwachts. Annemiek, die altijd te horen kreeg dat ze maar beter een vak kon leren dan te studeren, arriveerde ineens thuis met haar verloofde.
Dit is mijn Wouter
Wouter veroverde direct het hart van onze ouders. Knap, slim, getalenteerd en op weg om een bekende journalist op televisie te worden. Zijn carrière kwam goed van de grond, en hij was stapelgek op Annemiek. Gewone Annemiek volgens de familie, die op het ROC een opleiding tot coupeuse deed.
Annemiek hield van mooie kleding en van naaien. Dus koos zij een beroep waar ze zichzelf en anderen blij mee kon maken.
Annemiek, een coupeuse?! Corrie begreep haar niet.
Corrie, ik ben geen uitblinker zoals jij, maar een mooie rok of top maken kan niet iedereen! Ik wil graag dat de mensen om mij heen er verzorgd bij lopen. Daar worden ze toch blij van?
Je hebt er wel een rommeltje van in je hoofd, An, zuchtte Corrie, die desondanks haar jurken met trots droeg. Annemiek kopieerde geen mode ze maakte zelf haar patronen, versierde nachtenlang de rokken van Corrie met kleurige bloemen en zag dan hoe Corrie tevreden draaide voor de spiegel.
Zó goed maakte ze haar kleding dat vreemden Corrie op straat vroegen waar ze haar outfits vandaan had. Corrie gaf nooit antwoord.
Dat is geheim!
Uit het buitenland zeker? Heb je familie bij Buitenlandse Zaken?
Ik zeg niets dat hoort niet! Corrie hield zich op de vlakte, trots op haar getalenteerde zus.
Dat Wouter ten tonele verscheen, sloeg Corrie echter uit het lood.
Hoe kon dat? Hoe kwam het dat Annemiek, die geen universiteit had en ook geen bijzondere schoonheid was, als eerste trouwde? Ondraaglijk!
Tijdens de bruiloft had Corrie een gezicht als een lijk. Familieleden begrepen niets van haar humeur. Annemiek, in haar zelfgemaakte jurk, straalde als nooit tevoren.
Wat een plaatje! Wat een topkoppel! Ze verdienen het geluk!
Voor het eerst in haar leven kreeg Corrie een stekend gevoel van jaloezie.
Jouw zus met zon leuke vent? Jij niemand!
Je ouders hebben alleen maar oog voor Annemiek, fluisterend over hun toekomstige kleinkinderen. Maar dat zal jou nooit gebeuren!
Annemiek straalt, jouw sterlicht is zomaar overgegaan! Dat verdien je!
Corrie bleef niet tot het einde van het feest. Ze glipte weg en huilde zich in slaap thuis, want Annemiek straalde en zij voelde zich leeg.
Maar zodra haar moeder in de slaapkamer verscheen, had Corrie zichzelf alweer bij elkaar geraapt.
Gaat het met je, lieverd?
Beter dan ooit! Geen zorgen.
Corrie trouwde uiteindelijk een half jaar later met de eerste de beste geschikte kandidaat. Haar man was een stukje ouder, al flink kalend, een beetje gezet, maar knap slim. Hij zag meteen wat Corrie van een huwelijk wilde.
Ik kan je bieden wat je zoekt. Maar het is wel een deal.
Voorwaarden?
Je schenkt me een kind misschien twee. Je bouwt aan je carrière (ik zorg voor alles van nanny tot schoonmaakster). Ik beloof nooit een minnares te nemen, je hoeft nooit bang te zijn om ziek te worden. Van jou verwacht ik absolute trouw, geen geruzie, rust en gezelligheid thuis, zodat ik kan focussen op mijn doel. Afgesproken?
Corrie twijfelde geen seconde. Akkoord!
Dit geregelde huwelijk bleek verrassend stabiel en gelukkig. Er was geen tederheid zoals bij Wouter en Annemiek, maar wel rust en de zekerheid van morgen. Corrie kreeg een zoon en een dochter volgens planning, beiden grootgebracht onder toezicht van de nanny, met een keurig dagschema. Corrie had nauwelijks tijd: haar proefschrift, haar werk, haar sociale events ze bleef pronken in de chique jurken van haar zus.
Annemiek leefde langzamer. In de rumoerige jaren negentig naaide zij thuis voor vaste klanten. Via-via hoorde men haar naam fluisteren.
Ze neemt bijna geen nieuwe klanten aan te druk met de vaste club!
Is ze zó goed?
Ongelofelijk. Zie je mijn roze jurk? Dat is haar werk!
Serieus?! Ik dacht dat het van een designer was!
Ach, alle bekende modehuizen zijn ooit op deze manier begonnen! Wacht maar, Annemiek wordt nog beroemd.
Tot haar klantenkring behoorden vrouwen van opkomende ondernemers, raadsleden, de halve AVRO en het Nationale Ballet. Altijd uniek, nooit twee dezelfde jurken in de stad! Ze wist maar al te goed welk drama kon ontstaan als twee dames op hetzelfde feest haar creaties droegen.
Toen de stormen gingen liggen, opende Annemiek haar eigen atelier dat razendsnel uitgroeide tot een trefpunt van netwerken, geroddel en discretie. Corrie vond een sfeervolle benedenverdieping van een klassiek Amsterdams herenhuis, regelde alle apparatuur, en gaf Annemiek een lening.
Komt goed reken het later maar af.
Corrie wilde haar zus die steun geven. Als ze terugdacht, voelde ze zich schuldig over de jaloezie uit het verleden. Was het haar schuld dat het lichtje in Annemiek langzaam doofde? Ze keek naar haar gezonde, robuuste kinderen en voelde die oude pijn. Want Annemieks enige, langverwachte zoon, haar alles, was ernstig ziek geboren.
Een zonnekind, hoorde Corrie iemand zeggen. Ze nam die bijnaam over en begroette haar neefje altijd als Zonnetje.
Lieve jongen! Wat heb ik weer veel cadeautjes voor jou! en hij straalde haar toe met zon open, oprechte glimlach dat Corrie het liefst de hele wereld voor hem wilde veranderen.
Corrie, jij houdt meer van mijn Floris dan van je eigen kinderen! grapte Annemiek als ze haar zoon zag stralen bij zijn tante. Hij heeft je zo gemist
Niet helemaal de waarheid, maar die geloofde Annemiek graag.
Corrie hielp haar met alles de opvang, het atelier. Werk, An! Jij hebt afleiding nodig. Wouter reist steeds voor zn werk. Wat moet je thuis?
Ik kan niet, Corrie. Ik heb Floris.
Je hebt ruimte genoeg, maak een kinderkamer in het atelier. Huur personeel. Ik regel de nanny wel! Dan is Floris bij je, en jij tevreden!
Corrie, wat moest ik zonder jou?
Dáár zijn zussen voor! Nou, niet sentimenteel doen nu, hoor ik heb een afspraak straks!
Zo kabbelde het leven voort.
Corrie hield een oogje op de gezondheid van Annemiek en Floris. Zocht het halve land uit voor de beste dokters. Floris bleef een zorgenkindje; problemen met zijn hart en organen.
Ik snap het niet huilde Annemiek soms op die schaarse momenten samen. Wat heb ik verkeerd gedaan dat mijn jongen dit allemaal krijgt?
Niets, zusje! Het is gewoon het lot misschien. Maar geen tranen we kunnen zijn leven vredig en gelukkig maken. Meer heeft een mens niet nodig: familie, warmte, aandacht, liefde. Dat kunnen wij geven!
Misschien wel
En dus gaan we dat doen! Geen getreuzel. Ik heb weer een nieuwe specialist gevonden, top van het land! De wachtlijst is rampzalig, maar dat regelen we wel!
Corries man begreep haar betrokkenheid. Was er maar iets dat ik kon doen. Maar waar hulp nodig is: zeg het gerust.
Deze sobere woorden betekenden veel voor Corrie want inmiddels hield ze van haar man. Geen wilde liefde zoals uit haar jeugd, maar rustig, zeker en vertrouwd het ware partnerschap.
De kinderen groeiden, onze ouders vergrijsden, maar tussen mij en mijn zus kwam geen afgunst meer.
Met wie kun je immers alles delen, als niet met je zus?
Annemiek hielp mij ook. Toen mijn man in de problemen kwam op zijn werk, vroeg zij Wouter om het uit te zoeken. Het onderzoek was zwaar, pas jaren later kwam ik te weten dat het Wouter bijna zijn leven kostte. De waarheid kwam boven tafel, en ik zei haar kort maar krachtig: Geen zorgen meer, An. Jij of je gezin komen nooit iets tekort zolang ik er ben.
Mijn woord heb ik gehouden.
Ik stond aan haar zijde toen Wouter ziek werd. Hij takelde langzaam af, stierf in haar armen, Annemiek hield zich groot, maar huilde op mijn schouder zoals ik vroeger deed.
Waarom?! Zo jong nog!
Dag na dag hielp ik haar volhouden, want ze had Floris nog.
En later, stond ik naast haar toen het hart van haar Zonnetje het opeens begaf. Samen staarden we droog naar de artsen, daarna liepen we zwijgend hand in hand door Amsterdam, vergetend dat er nog een auto was, vergetend alles.
Het gele shirt en die rode sneakers
Ja
Dat hoefden we elkaar niet uit te leggen. We namen afscheid op de manier zoals hij het had gewild.
Na het verlies van haar zoon brokkelde Annemiek af. Ze werkte op de automatische piloot, liet haar personeel alles regelen. Meer dan eens trof ik haar aan, moe, voorovergebogen boven een leeg tekenblok, niet in staat om één lijntje te zetten.
Annemiek
Ik moet heel even rusten, Corrie. Mag dat?
Dit kan zo niet. Ik kon wel huilen.
Het mag allemaal, Corrie glimlachte Annemiek groezelig. Nu mag alles
Het kantelpunt kwam onverwacht. Op een dag kwam er een kat.
Niemand wist waar hij vandaan kwam, schrammen overal, een half afgescheurd oor. Op onze drukke gracht zag je zelden een kat.
Hij probeerde het atelier binnen te glippen, werd weggejaagd.
Ga weg! Sst!
Toen deed hij het enige mogelijke: hij liet zich slap op de stoepzak vallen, haren schots en scheef, en deed alsof hij er niet meer was. Zo vond Annemiek hem, toen ze laat arriveerde.
Meiden, wat is dit nou! keek ze verbaasd naar de kat die zijn allerbeste spel opvoerde.
Een kat, mevrouw Van Dijk! Lag daar zomaar, wil niet meer weg!
Leeft hij wel? Voorzichtig gaf ze het beestje een tikje met haar schoen.
Met een zucht, als een mens, en een scheef tongetje als om te zeggen: Wat zijn jullie hardvochtig! Ik ga eraan! Echt! Mijn leven eindigt hier! Geen naam, geen mens die om me geeft en al een week niks te eten. Dat is pas nood!
Voor het eerst sinds maanden proefde Annemiek een glimlach.
Wat een toneelspeler! Kom nou, dames kijk hoe hij het brengt! Stanislavski zou jaloers zijn!
Goed, kom mee. Jij krijgt eten! En knuffel.
Ze pakte hem op, keek hem na en besloot dat de dierenarts nodig was. Het oor zag er niet best uit.
De kat gaf zich gelaten over; dezelfde rust op de achterbank richting de dierenkliniek. De prik verdroeg hij chagrijnig, aanvaardde zijn beloning een bakje paté als een eregast, en paradeerde na het consult fier achter zijn nieuwe baas naar buiten.
Nou, ik heb nooit eerder een kat gehad. Hoe doen we dit, Kunstenaar?
Onbewogen staarde de kater naar het verkeer. Annemiek grinnikte.
Dat komt goed. Benieuwd wat Corrie ervan vindt
Corrie accepteerde Kunstenaar natuurlijk niet (al deed ze net van wel). Maar ze had zijn komst snel door want Annemiek kreeg weer uitstraling. Ze leefde weer op voor iets of iemand, voelde zich nodig.
An, hij kijkt zo raar naar je!
Laat hem maar. Niemand kijkt zo naar mij, Corrie.
Hoe dan?
Met liefde.
Hij is een bedrieger. Je moet hem niet vertrouwen.
Het zal wel! Maar hij verwarmt mijn zere voeten ‘s avonds, en kijkt samen met mij film. O ja, en hij staart echt naar het scherm, alsof hij het volgt!
Zeg, je had hem gewoon Tijger moeten noemen, of Mick. Wat is dat nou voor naam, Kunstenaar!
Het past precies bij hem! Annemiek lachte, mijn hart werd warm.
Annemiek glimlachte weer! Daarvoor vergaf ik de kat alles.
Koos ik definitief voor Kunstenaar? Dat gebeurde op een zaterdag, toen ik bijna Annemiek verloor.
We hadden niets afgesproken. Maar in de buurt van haar atelier besloot ik spontaan langs te gaan. Sinds Kunstenaar bij haar was, werkte Annemiek weer avonden aan bestellingen. Haar ontwerpen vonden gretig aftrek, zelfs haar nieuwe stijl sloeg aan.
Het licht brandde nog. Met mijn sleutel opende ik de deur.
Annemiek, zus! Ik ben hier!
Oranje bliksem schoot onder mijn benen door: de kat, die zich in mijn kuit zette zodat mijn panty scheurde.
Kunstenaar! Ben je gek geworden?!
Hij keek me wild aan, ogen als vuur. Ik deinsde achteruit, dacht kort dat hij misschien hondsdol was. Pakte een liniaal om me te verdedigen, maar toen miauwde hij klaaglijk, liep nerveus tussen mij en de deur van Floris oude kamer die kamer die Annemiek nooit had kunnen veranderen.
Wat is daar? Waar is Annemiek?
Ik vloog op de deur af, vergat de kat. Daar lag mijn zus, op de grond, een foto van Floris in haar handen.
Annemiek!
Ambulance, ziekenhuisdagen uren van onzekerheid.
Ik ijsbeerde door de gang, bad zoals ik het kon:
Laat haar alsjeblieft blijven! Neem haar niet!
Later hoorde ik van haar medewerkers dat Kunstenaar die avond schreeuwde en bonkte, zoals alleen een kat zijn baasje kan roepen. Pas toen Annemiek wakker werd, werd de kat stil. Geen eten alleen water.
Na drie weken mocht Annemiek naar huis.
Corrie, eerst naar het atelier!
An, ik breng Kunstenaar anders wel bij jou?
Nee! Ik wil hem zelf zien!
Met moeite liep ze de trap op binnen galoppeerde een oranje furie over het tapijt, wrong zich om haar benen, en spinde zo luid dat we allebei moesten lachen.
Annemiek tilde hem op, aaide teder over zijn geheelde oor.
Hij heeft me geroepen, Corrie. Ik heb hem gehoord Eerst hem, toen jou. Daar in het ziekenhuis ook
Wat bedoel je daar?
Ik weet niet hoe ik het uit moet leggen. Eerst hoorde ik Wouter, toen Floris, maar de kat riep harder Tot ik jou weer hoorde.
Vreemd Ik wist niets te zeggen.
Maar Kunstenaar kennelijk wel: met zijn pootje tikkend onder Annemieks kin, blikte hij mij indringend aan en spinde nog harder, als wilde hij alle verdriet verjagen.
Ik kon alleen maar glimlachen. Blijkbaar ben ik goedgekeurd waarvoor weet ik niet, maar goedgekeurd ben ik nu wel.
Zijn groene oog kneep hij half dicht, het gespin vulde het atelier, en Annemiek glimlachte weer. Mijn hart sprong op.
Wat heeft een mens eigenlijk nodig? Nabijheid, rust in je hart.
Zo weinig en tegelijk zo veel.







