Egel: Het bijzondere leven van het Nederlandse stekelvarken

Egel

Weer zoiets! Mieke las boos een bericht in de whatsappgroep van de kleuterschool en smeet haar telefoon naast zich op de bank.

Wat is er, mam? Sophie keek van haar schrift op en draaide zich naar haar moeder.

Alwéér een wedstrijd! Het begint me echt de keel uit te hangen! Waar slaat het op, wie zit hierop te wachten? En natuurlijk moet het overmorgen alweer ingeleverd zijn. Ik moet morgen een nachtdienst draaien. Wanneer moet ik dat dan fixen?

Zal ik het maken? Sophie schoof haar algebra door en keek hoopvol naar haar moeder. Huiswerk is zo’n beetje klaar. Al moet ik morgen nog algebra bij Marieke overschrijven, want die som in het boek snap ik voor geen meter, misschien kan zij het uitleggen.

Nee hoor, Sophie, ga jij je eigen dingen doen. Je rapport komt er bijna aan en volgende week die toetsen

Maar Tom wordt dan weer verdrietig. Weet je nog vorige keer, toen hij zat te huilen omdat alle kinderen wel een diploma kregen, behalve zijn werkje? Terwijl hij het zelf had gemaakt.

Precies daarom dus! Mieke fronste nog dieper. Hier zijn alleen maar Rembrandts en Appels in de groep, als het aan die moeders ligt. En als ze tekenen, dan is het direct op Rijksmuseum-niveau. Maar het ergste vind ik wat anders.

Wat dan?

Dat de juffen net doen alsof alles door de kinderen zelf gemaakt is! Ze staan erbij te beweren dat het allemaal puur kinderhandwerk is, maar zelfs een volwassene zou daar moeite mee hebben

Maar mam, waarom doet niemand er wat aan? Iedereen doet gewoon braaf weer mee, terwijl het nergens op slaat. Zoals bij mij in de brugklas, weet je nog? Daarna zei een ouder dat het klaar moest zijn met dat geknutsel, of dat de kinderen het lekker zelf moesten doen.

Was dat toen juf van Dijk ineens de boel liet?

Ja! Sophie lachte. Wat was iedereen opgelucht zeg! Daarna zei juf Bakker dat we alles zélf moesten maken, en gaf ze Nina een onvoldoende toen haar moeder een pop had gebreid. Ze had eerst niets gezegd, maar toen moesten we allemaal wol en een haaknaald meenemen voor de les, weet je het nog?

Oh, daarom liep ik toen nog half elf s avonds bij de buren aan voor een bolletje rood! Dat weet ik nog, ja.

Zie je! Juf Bakker liet Nina zelf een rondje haken in de klas. Logisch, dat lukte niet, dus kreeg ze haar eerste onvoldoende. Weet je dat echt niet meer?

Helemaal vergeten, meid. Is ook echt al zó lang geleden.

Eigenlijk zouden ze bij zon wedstrijd de ouders een prijs moeten geven, zodat de kinderen niet teleurgesteld worden. Sophie stopte haar pennen in haar etui en stond op. Zal ik thee voor je zetten? En Tom een verhaaltje voorlezen?

Graag, lief. Mieke stond op, liep naar haar dochter en gaf haar een knuffel en een kus op haar voorhoofd. Wat ben je groot geworden, Sophie, ik kan je niet eens meer op de kruin zoenen zoals vroeger. Helemaal je vader

Hoeft niet mam, zei Sophie zacht en week een beetje terug. Ik wil niet over hem praten.

Doen we ook niet! Ga maar, zet maar thee, ik moet nog iemand bellen. Je hebt me net een goed idee gegeven.

Mieke kneep haar dochter nog eens in haar schouder en gaf haar een zacht duwtje.

Hop, gaan!

Terwijl ze Sophies rechte rug nakeek, dacht Mieke hoe bijzonder genen toch werken. Zelf was ze vrij mollig, blond en haar jongste, Tom, leek sprekend op haar dik haar, bleek en stevig gebouwd. Maar Sophie was het evenbeeld van haar vader en grootmoeder van vaderskant: smal, lenig, met een prachtige houding, lange nek en slanke polsen. Oma was ooit balletdanseres geen ster, maar altijd het elfde zwaantje in het koor. Wel met diezelfde trotse rug, enorme discipline, en een sterke wil, net als Sophie. Alleen kwa karakter leek Sophie veel liever en zachtaardiger dan haar oma. Bij Sophie zat er altijd een soort warm licht om haar heen, waardoor iedereen haar aardig vond en daar werd soms misbruik van gemaakt. Toch bleef Sophie altijd zichzelf, ze vond altijd wel een manier om iemand te helpen.

Er was nooit een gebrek aan zieke of gewonde dieren in huis, want Sophie sleepte alles mee naar huis om te verzorgen en weer een plekje te geven. Alleen de oude kater die ze vorige winter van straat had gehaald, was uiteindelijk gebleven.

Het vroor toen zo erg dat de scholen dicht waren. Sophie bleef thuis bij Tom, die ziek was. Toen haar moeder weg was naar haar dienst, ging ze koken en merkte dat er geen ui meer was. De supermarkt zat om de hoek, dus ze zei streng tegen Tom dat hij niet van de bank mocht wijken, zette het vuur uit en rende naar buiten. Op de glibberige stoep viel ze bijna voor het portiek; toen zag ze ineens twee grote geelgouden ogen kijken. De kater zat apathisch op de bovenste trede, half kaal, vieze traanogen. Het dier leek het opgegeven te hebben.

Heb jij het koud? Kom je met mij mee? vroeg Sophie zacht.

Hij antwoordde niet, maar hield haar blik strak vast en trok zijn poten verder onder zich.

Sophie probeerde hem op te tillen, maar het dier was loodzwaar. Daarom hield ze de deur open en sprak liefjes: Kom, het is zo koud! Binnen is het warm, en ik heb melk.

De kater keek haar aan zonder zelfs maar hoop. Wie zit er op mij te wachten? stond er in zijn ogen.

Sophie zakte door haar knieën naast hem, ongeacht de natte kou.

Wees niet bang Ga je mee? Ik heb je nodig.

Na een lange stilte legde de kater ineens zijn kop tegen haar hand en stond langzaam op.

Dat is het! Sophie was opgelucht. Tom is luid, maar aardig. Hij doet niemand kwaad.

Mieke schudde de volgende dag haar hoofd toen ze het beest, dat er nauwelijks uitzag als een kat, zag.

Die houdt het niet lang vol, ben ik bang

Maar mam, dan tenminste in warmte.

Ik zeg er niets van, laat hem maar.

Mieke had er simpelweg de energie niet voor om te protesteren. Vaak voelde ze zich als een dravende vis in doorzichtig stroperig water. Alles voelde plakkerig, nutteloos behalve Sophie en Tom. Voor hen hield ze vol.

Haar man was niet plots weggegaan. Hij had een jaar lang tussen twee gezinnen gezweefd, niet kunnen kiezen waar hij het liefst was. Mieke maakte het eigenlijk allang niets meer uit, maar hij wilde niet vertrekken.

Jij wilt me niet echt zien, dat voel ik wel. Maar de kinderen houden van me.

Ze sliepen inmiddels apart in een grote flat kan dat. Ook Sophie deed er stil over toen haar moeder bij haar op de kamer kwam slapen. Voor haar jonge leeftijd begreep Sophie al zó veel.

Dat haar man inmiddels een jonger zoontje had bij een andere vrouw, wist Mieke ook ze had haar vervangster geregeld in het park gezien. Wederom een blonde, slanke dame, met een keurig gekleed jongetje Het stak haar niet, meer was het een trieste constatering.

Die herfst had Mieke na het werk eens niet de tram gepakt, maar was door haar favoriete park gelopen. De warme, rustige middag deed haar goed. Ze lachte zelfs toen een brutale eekhoorn een nerveuze hond uitdagerig voor de voeten sprong, gehouden door een keurige oudere heer. Zo zou haar man er later uitzien, bedacht Mieke waardig, grijs, netjes. Maar naast hem zou niet zij lopen, zoals ze eens gedroomd had. Geen strandvakanties, geen wandelingen langs de Nederlandse kustlijn met de kleinkinderen

Ze draaide zich weg, en daar kwam hij aan met zijn nieuwe gezin. Die toevallige ontmoeting veranderde iets in Mieke. Ze draaide zich om en liep het park uit. Thuis pakte ze al zijn spullen. Zacht maar beslist zei ze: Ga alsjeblieft weg.

Hij probeerde nog te protesteren, maar Sophie kwam uit haar kamer en fluisterde het haar moeder na: Ga maar weg

Toen hij eenmaal weg was, liet Mieke zich in de gang op de muur zakken. Sophie schrok: Mama, gaat het?

Mieke knikte, probeerde zichzelf bij elkaar te rapen. Zet jij maar een pot thee. Daar heb ik nu écht trek in.

Tom miste zijn vader nauwelijks voor hem was mama alles. Voor Sophie was het zwaarder en ze werd stiller, sliep slecht en lag wakker te piekeren. Mieke probeerde hulp bij een psycholoog, maar pas toen de kater, door Tom steevast Koos genoemd, in huis kwam, verbeterde Sophies stemming weer.

Koos, die log, statige kater met zijn amberkleurige ogen, werd ieders huisvriend. Mieke vond het maar een gespuis, vooral als hij s nachts ineens in de woonkamer zat.

Waarom slaap jij dan niet? bromde ze als het beest zich naast haar nestelde.

Hij miauwde nooit, snorde niet zoals normale katten, vroeg nooit om iets. Maar hij bleef kalm bij haar zitten. Dat werd de nachtelijke therapie: zij fluisterde haar zorgen, hij loerde weemoedig uit zijn ogen en leek alles te begrijpen.

Dat ook Sophie haar hart uitstortte merkte Mieke al snel. Mocht je hem willen herplaatsen: vergeet het maar. Koos blijft.

Door het jaar heen werd Koos een prachtige, ronde huiskat, met glimmende vacht en een rustige pas. Tegen vriendinnen grapte Mieke dat ze eindelijk de ideale man had gevonden: Hij tolereert me, luistert altijd, houdt van de kinderen, zeurt nooit om eten, heeft geen sokken, echt ideaal!

Over liefde nadenken deed ze allang niet meer. Haar kinderen waren genoeg. Met Sophie waren er geen rare schoolwedstrijden meer, die tijd herinnerde Mieke zich vooral als een aaneenschakeling van verkleedfeestjes en dansrondes. Maar Tom, in zijn kleutergroep, had met een actieve ouderraad te maken. En juist toen Mieke haar man had weggestuurd en haar verdiensten als verpleegkundige net toereikend waren voor het hoognodige, dreigde haar ex: Alimentatie? Alleen via de rechter. Je zult het met je eigen salaris moeten doen, ik help voorlopig niet.

Hij hoopte dat ze terug zou kruipen. Maar na twee maanden tweedehands kleding en besparen besloot Mieke een extra baan aan te nemen. Het brak haar bijna op, maar ze kon nu haar hoofd boven water houden zonder de bedelstaf uit te steken bij haar ex. Alleen, tijd om te knutselen aan schoolopdrachten was er niet meer.

In het begin leek dat geen probleem. Hoe moeilijk is een geknutselde mol of een papieren uil? Sophie hielp ook nog vaak een handje. Tom wilde per se alles zelf doen. Maar zijn eerste, en zijn tweede werkje werden liefdevol achterin de kast geparkeerd zonder een compliment. Op een dag zat Mieke op een ouderavond in de kring, en werd publiekelijk afgebrand.

Ouders! riep juf van der Linden boven het gekwetter uit. Wij zíjn verantwoordelijk voor onze kinderen, zij zijn onze toekomst! Als je geen half uurtje hebt om een knutsel te maken met je kind, wat voor ouder ben je dan? Zo versterk je de band!

Mieke luisterde niet eens meer. Ze dacht alleen maar aan Koos en zijn onbewogen blik. Ze besloot: dit nooit weer! Als het kind een wedstrijd moest doen, dan zou het ook echt een kinderwedstrijd zijn niet een ouderwedstrijd. Met drie andere ouders was een actie snel opgezet.

Het feest, een week later, gaf de perfecte kans. Mieke liep met opgeheven hoofd de klas binnen. Als het mis zou gaan, was het jammer, maar vanaf nu liet ze zich nooit meer wijsmaken dat ze een slechte moeder was.

Toms egel stond, als altijd, helemaal achterin verstopt tussen de kunstwerken die zo te zien door ouderhanden waren gemaakt. Mieke haalde hem naar voren, veegde wat glitters recht, en plaatste hem pontificaal in het midden.

Mevrouw de Bruin, waarom doet u dat? vroeg juf van der Linden achterdochtig.

Ik wil dat iedereen ziet wat Tom zélf gemaakt heeft. En het bordje stond scheef.

De juf was geïrriteerd, maar kon haar niet tegenhouden. Tom stond perplex toen zijn egel ineens in het volle zicht verscheen en kreeg zowaar complimenten.

Langzaam vulde de groep zich met ouders en kinderen. Kostuums, kapspelders, gekwetter en gelach en toen verhuisde het circus naar de gymzaal.

Na een vrolijk optreden, waarbij Tom een prachtig gedichtje voordroeg dat Sophie met hem had geoefend, werden de prijzen uitgereikt. Diplomas en chocolaatjes gingen naar de knapste werkstukken stuk voor stuk gemaakt met ouderhulp. Geen prijs voor Tom en zijn lotgenoten.

En nu wilde juf afsluiten, maar Mieke stond op.

Wij, als ouders, willen ook graag wat zeggen.

De ene helft van de ouders glimlachte, de andere keek verbaasd. Mieke liep naar voren, kreeg van de moeder van Jan een stapel diplomas, en van Lottes moeder een reep chocola.

Allereerst ons dank aan de juffen voor hun grote inzet en enthousiasme! Laten we ze eens flink bedanken!

De zaal klapte luid, eerst wat voorzichtig, daarna luidruchtig.

En nu, willen wij de kinderen die niet in de prijzen vielen, speciaal in het zonnetje zetten. Want ze hebben allemaal hun best gedaan en verdienen toch een applaus!

Ze riep Tom en de andere kinderen naar voren. Iedereen kreeg een diploma en een chocolade. De groep was ineens vrolijk, het verdriet verdampte.

Maar dat is nog niet alles! De ouders die altijd zulke mooie werkstukken afleveren die willen wij nu ook belonen!

Deze keer deelden ze lollys en diplomas uit aan de handige moeders en vaders. Mieke kon het lachen niet laten. Ze hoorde later hoeveel opwinding deze actie had veroorzaakt, want toen de ouders terugkeerden naar de klas stond naast de officiële wedstrijdtafel een nieuwe, gevuld met alleen écht kinderwerk, onder een groot vel papier met de tekst Helemaal zelf! netjes gekalligrafeerd door Sophie.

Snel na afloop pakte Mieke Toms hand en samen renden ze naar huis, waar Sophie haar opwachtte.

Mam?

Wat is er, lieve jongen? Ze keek naar haar zoon die trots zijn diploma vasthield.

Dus als ik een diploma krijg, was mijn werkje toch goed?

Natuurlijk! Jouw egel was prachtig omdat je hem zelf gemaakt hebt, zonder hulp, zelfs niet van Sophie.

Maar hij is een beetje scheef.

Geeft niet, het is jóuw werk!

Tom dacht even na en hield haar hand stevig vast tijdens het lopen.

Mam, ben je trots op mij?

Mieke stopte abrupt; Tom schoot bijna door. Ze ging op haar hurken zitten en keek hem aan.

Ik ben ontzettend trots op jou! Trots dat je zo zelfstandig wordt, dat je niet ging zeuren om hulp. Trots dat je weet hoe druk ik ben en toch helpt in huis. Ik weet best dat jij gisteren de afwas deed, niet Sophie. Bedankt jongen! Jij groeit uit tot een echte vent.

Wat is een echte man?

Mieke dacht na.

Iemand die zijn eigen problemen oplost, maar altijd dankjewel zegt voor hulp. En die snapt dat niet alles per se mannen- of vrouwenwerk is: je helpt elkaar gewoon. Zoals jij gisteren deed. Door te helpen met de afwas, gaf je Sophie tijd om haar huiswerk af te maken en haalde ze een goed cijfer voor scheikunde. Tijd geven aan een ander, dat is het belangrijkste wat er is.

Hoe dan?

Dat leg ik later wel uit. Zeg, Mieke stond op en pakte zijn hand.

Wat?

Ik vind dat we nu een feestje verdiend hebben, niet?

Ja!

Dan halen we een taartje?

Ja!

Later, terwijl ze aan de keukentafel zat met een mok thee met tijm, keek Mieke naar haar kinderen die babbelden. Koos lag spinnend in de hoek, en ze dacht hoe eenvoudig het eigenlijk was, zulke kleine mensen gelukkig te maken. Gewoon ze het gevoel geven dat ze belangrijk zijn.

Ze zette haar telefoon op stil en stopte hem diep in haar tas. De schoolapp zou ze de volgende ochtend wissen, Lottes moeder zou haar wel bijpraten over het hoognodige. En dan lachten ze samen nog eens om de verbaasde gezichten bij het uitdelen van chocolade en diplomas.

Jaren later zou Tom als jonge student terugkeren, en de scheve egel zou hem opwachten op de plank boven het aanrecht, naast de mooie theepot die Sophie op bezoek uit Amsterdam had meegenomen.

Als Mieke uiteindelijk alleen met Koos achterbleef, was ze even van haar stuk. Maar later vond ze nieuw geluk bij Jan-Willem, een rustige, ronde man die niks van haar ex weghad, maar alles bood waar ze ooit van had durven dromen. Rustige dagen, zomeravonden barbecueën op de volkstuin vol rozen, weekendjes naar Zeeland, maar vooral: harmonie met de kinderen. Zelfs Sophie, als ze weer eens langskwam, kreeg tranen in haar ogen als ze Mieke en Jan-Willem hand in hand in het park zag lopen.

Dat was wat ze haar kinderen gunde: iemand met wie je ook later, wie je ook bent, door een herfst vol ritselende bladeren kon lopen, eekhoorntjes kon voeren in het park, en gewoon, zwijgend, samen thee blijven drinken. Want soms hoef je niets te zeggen, als degene naast je jou toch begrijpt.

Please rate
Bagattia News
Egel: Het bijzondere leven van het Nederlandse stekelvarken